Syndicaal menu: een blik op de sociale actualiteit


Waar is uw vakbond op dit moment mee bezig? Over wat onderhandelen we? U leest hier welke thema's er op dit moment op tafel liggen.

Interprofessioneel (= algemeen)

Het interprofessioneel akkoord voor de privésector heeft het starschot gevormd voor de onderhandelingen in sectoren. In meerdere sectoren lopen die besprekingen trager dan vroeger. Op dit ogenblik liggen de volgende thema's op tafel:

Maaltijd- en ecocheques

Open VLD heeft een wetsvoorstel ingediend om maaltijd- en ecocheques om te zetten in een netto vergoeding. De sociale partners hebben in de Nationale Arbeidsraad (de instelling die de collectieve arbeidsovereenkomsten sluit) daarover een kritisch advies uitgebracht. Ook de Raad van State heeft laten weten dat voorstel negatief te beoordelen.

Als je je loon ontvangt, betaal je belastingen en sociale zekerheid. Als cheques niet meer in de vorm van cheques uitgekeerd worden, maar gewoon via een storting, krijgt een werknemer geld zonder daarop belasting te moeten betalen of zonder sociale afhouding. Een werknemer krijgt dus in beide gevallen geld, maar met een verschillende fiscale aanpak zonder dat er duidelijk een grens is tussen de twee. Tegenover die ongelijke behandeling staan zowel de sociale partners als de Raad van State negatief.

Op dit ogenblik zit het dossier politiek ‘vast’. CD&V en MR steunen het initiatief niet meer. Zij zien liever een snelle digitalisering van de cheques. Dat alternatief hadden de sociale partners al eerder voorgesteld. Het is voorlopig niet duidelijk hoe het nu verder moet. 

De sociale partners proberen ondertussen de lijst met producten die met de cheques gekocht kunnen worden, te vereenvoudigen.  

Evaluatie opzegtermijnen en proeftermijnen

Werkgevers willen verkorte opzegtermijnen in de sectoren bouw, stoffering, diamant en voor havenarbeiders. Onder druk van de sector bouw wordt die discussie vertraagd.

De werkgevers willen een opzegtermijn van één week herinvoeren tijdens een proefperiode bij het begin van een arbeidsovereenkomst. Voor de vakbonden is dat geen optie, aangezien de bestaande regeling zo minder gunstig wordt voor de werknemer. Ook andere zaken staan nog ter discussie. 

Er is een akkoord over de opzegtermijnen tijdens de eerste zes maanden:
  • Maand 1: een week opzeg
  • Maand 2: een week opzeg
  • Maand 3: twee weken opzeg
  • Maand 4: drie weken opzeg
  • Maand 5: vijf weken opzeg
  • Maand 6: vijf weken opzeg
Na de zesde maand verandert er niets. 

Mobiliteit: bedrijfswagens

De sociale partners willen dat de bedrijfswagen omgezet kan worden naar andere voordelen. Daarbij is de bedoeling dat de bedrijfswagen wordt ingeruild voor duurzame mobiliteit: openbaar vervoer, fiets, beperkt tot woon- of werkverkeer etc (en enkel eventueel en voor een klein deel in cash).
 
SD Worx is in opdracht van de regering een wetsontwerp aan het uitwerken over de kwestie, maar op dit ogenblik weten we niet hoe dat eruit zal zien. We weten ook niet of SD Worx wel volledig rekening zal houden met het advies van de sociale partners. Het is in ieder geval de regering die nu aan zet is. 

Openbare sector

In gemeenschappelijk front hebben we aan de premier een budget gevraagd om een sociaal akkoord mogelijk te maken. De regering zou bereid zijn om een beperkt budget te voorzien. Tijdens de besprekingen leggen we het accent op de verhoging van de syndicale premie en een aantal sociale verbeteringen. 

Pensioenen

Diplomabonificatie

De hogere studieperiodes van overheidspersoneel tellen niet meer mee bij de berekening van de anciënniteit om op pensioen te kunnen gaan. Ook moet je vanaf nu je studieperiodes afkopen om ze te laten meetellen bij de berekening van het pensioenbedrag. De nieuwe regeling is ingegaan op 1 december 2017.

Alle informatie en de meestgestelde vragen over het afbouwen van de diplomabonificatie en het afkopen van je studiejaren vind je hier.

Zware beroepen (openbare sector)

Al in oktober vorig jaar bereikte de bijzondere commissie voor de openbare sector van het Nationaal Pensioencomité (NPC) eenconsensus over een aantal oriëntaties rond het dossier zware beroepen. Dat was toen een doorbraak. Vervolgens stelde de minister van pensioenen een wetsontwerp op. Dat raakte eind december niet op de ministerraad.Tot op vandaag blijft het dossier onaangeroerd, ondanks de vele speculaties in de media dat "er nu wel iets mee gaat gebeuren". Onder andere het vierde criterium - de emotionele of mentale belasting - is nog een punt van discussie.

We wachten nu tot het dossier op de ministerraad komt en er daar groen licht gegeven wordt om de onderhandelingen op te starten. We willen namelijk komen tot een onderhandelde oplossing die tegemoet komt aan de verwachtingen van de mensen en niet zomaar een verstrenging van de pensioenvoorwaarden. En die verstrenging komt er al vanaf 1 januari 2019. De tijd dring dus, maar de
start van de onderhandelingen blijft geblokkeerd.

Gemengd en aanvullend pensioen

Gemengd pensioen

Er is een akkoord over het gemengd pensioen. Dat wetsontwerp lag vorig jaar al op tafel, maar we hebben het toen uitgesteld. Ook tijdens de zomervakantie was er discussie over. Toen hebben we het gemengd pensioen gekoppeld aan de sectorale aanvullende pensioenen.

Contractuelen in de overheidssector – met uitzondering van tijdelijke personeelsleden in het onderwijs - die benoemd werden na 1 december 2017, zullen hun contractuele jaren niet langer in aanmerking kunnen laten nemen bij de berekening van hun overheidspensioen. Hun loopbaan wordt gesplitst in een contractuele en een statutaire periode. Dat is het zogenaamde gemengd pensioen. De opbouw van het overheidspensioen start voortaan dus pas vanaf de benoeming. Contractuele diensten van voor de benoeming leveren dan altijd een werknemerspensioen op.

Door de maatregel kan het zijn dat een contractueel personeelslid dat na verloop van tijd vastbenoemd wordt 3 pensioenen krijgen:
  • voor de periode van de vaste benoeming: het overheidspensioen
  • voor de periode als contractueel: een werknemerspensioen
  • voor een deel van de periode als contractueel: een eventueel aanvullend pensioen
     

Aanvullend pensioen

Na meer dan een decennium ijveren, is er nu eindelijk een doorbraak over de pensioenregeling van het contractueel overheidspersoneel. ACV heeft ervoor kunnen zorgen dat de WAP-wet wordt aangepast, waardoor aanvullend pensioen voor contractueel overheidspersoneel ingevoerd kan worden. Er komt dus voor verschillende sectoren in de openbare sector een aanvullend pensioen. Daarvóór kregen contractuele personeelsleden enkel een laag werknemerspensioen.

We hebben voor verschillende garanties kunnen zorgen:
  • Het aanvullend pensioen wordt gefinancierd door de werkgever, de werknemer moet geen persoonlijke bijdragen storten.
  • Alle contractuelen zullen van de regeling genieten.
  • Er wordt geen wachttijd of minimum anciënniteit voorzien waaraan het personeelslid moet voldoen om het aanvullend pensioen te bekomen.
  • Er komen geen pensioenplannen van bepaalde duur. 
Voor contractuelen bij de federale overheid is het aanvullend pensioen nu al concreet. De nodige pensioenreglementen worden nu uitgewerkt en de federale regering garandeert nog dit jaar een aanvullend pensioen van 3%. Ook binnen de federaal gefinancierde zorgsector willen we dat het aanvullend pensioen dit jaar nog concreet wordt gemaakt.

In de lokale besturen (gemeenten, OCMW’s …) kregen contractuelen al uitzicht op een aanvullend pensioen. Sinds 1 januari 2010 wordt daar voor elk contractueel personeelslid gemiddeld 1,75% van het loon gespaard in een aanvullend pensioenstelsel. Globaal bleef dat echter een bescheiden regeling. 

Bij de Vlaamse overheid werden onlangs de krijtlijnen van het aanvullend pensioen voor contractuelen uitgezet. Er werd gekozen voor een Vlaams pensioenfonds. Door druk te zetten bekwamen we daarvoor een budget van 22 miljoen euro. Het wetsontwerp doorloopt momenteel de parlementaire procedure. Meer info


Wat gaat er nu gebeuren? 

  • De wet moet nog gestemd worden in het parlement.
  • Er moeten nog concrete pensioenreglementen uitgewerkt worden voor de federale overheid en voor de federaal gefinancierde gezondheidssectoren.

Pensioen lichamelijke ongeschiktheid

De ministerraad wil met de deelstaten in gesprek gaan over de afschaffing van het pensioen wegens lichamelijke ongeschiktheidNu kunnen langdurig zieken wiens ziektedagen op zijn, nog op pensioen wegens lichamelijke ongeschiktheid. Medex (de controledienst bij ziekte) neemt die beslissing dus op basis van medische feiten. 

Dit zijn de standpunten waarmee ze naar dat overleg trekt. 

De federale regering breekt met de bestaande situatie:
  • In de toekomst zou iemand die langer dan een jaar ziek is onder een verzekeringsregeling vallen, en dat met een uitkering die nog niet duidelijk is. Er is sprake van een vork tussen 40% en 65% van een begrensd loon, weliswaar met een minimum in functie van de gezinssituatie. De betrokkene krijgt ook een andere job in de openbare of de privésector. 
  • Tegelijk wil minister Vandeput (N-VA) de ziekteregeling van federale ambtenaren zo wijzigen dat ze tijdens het eerste jaar slechts dertig dagen hun loon aan 100% procent krijgen. Na die dertig dagen krijgen ze dan nog maar 60% van een begrensd loon.  
  • Meer uitleg over het voorstel vind je hier 
Dat heeft uiteraard gevolgen...
  • ... voor het personeel van alle sectoren. Want niemand kan nog langer dan een jaar ziekteverlof  krijgen. Iedereen valt terug op een veel lagere uitkering en moet ook een andere job krijgen.
  • ... voor de openbare werkgevers die een patronale bijdrage moeten betalen om de verzekeringsregeling te financieren.
  • ... voor de federale ambtenaren die een ziekteregeling krijgen die minder is dan voorzien in de algemene sociale wetgeving. 

ACV Openbare Diensten klaagt deze situatie aan. De kwestie van het pensioen voor lichamelijke ongeschiktheid treft net die mensen die vaak in moeilijke sociale omstandigheden verkeren. Als mensen relatief vroeg op pensioen worden gesteld, krijgen zij vaak een erg klein pensioentje en worden zij opgevangen door de minimumregelingen. Ze houden veel minder over terwijl er geen aangepaste jobs zijn voor wie dat nodig heeft. En wanneer re-integratie echt definitief onmogelijk blijkt, mogen langdurig zieken ook niet worden gedumpt bij een verzekeraar. Daar biedt het pensioen wegens lichamelijke ongeschiktheid nog steeds een belangrijke houvast. 

In het verleden hebben we meermaals besprekingen gehad om meer mogelijkheden tot wedertewerkstelling te creëren. Die besprekingen hebben niet echt tot resultaten geleid. Het is zeer de vraag of dit nu wel het geval zal zijn. Het zal in ieder geval veel energie vragen om dit in een positieve richting om te buigen.  

Waarom is de kwestie zo complex?

In de eerste plaats omdat het om situaties gaat die men niet met één pennentrek kan regelen. Het gaat om mensen die door allerlei omstandigheden lichamelijk ongeschikt zijn om hun job nog uit te oefenen.

Daarnaast zijn er heel wat technische aspecten op het vlak van:
  • de financiering van de sociale zekerheid 
  • de wedertewerkstelling (waarvoor er in de praktijk meestal geen jobs beschikbaar zijn)
  • de verantwoordelijkheid van de verschillende werkgevers
  • de juiste uitkering die de betrokkenen krijgen
  • de administratiekosten 
  • de wijzigingen die in de verschillende personeelsstatuten moeten gebeuren

Meer weten?

Pensioen met punten

Het Nationaal Pensioencomité (NPC) heeft een verdeeld advies uitgebracht over het pensioen met punten. De werkgevers willen het puntensysteem gebruiken om grote besparingen door te voeren, maar volgens ons leidt het systeem enkel tot meer pensioenonzekerheid. Dat terwijl een verbetering van het werknemerspensioen nodig is. 

Het systeem met punten werkt als volgt: I
emand die een jaar werkt, krijgt daarvoor een bepaald aantal punten. Je pensioenbedrag hangt af van de punten die je op het einde van je loopbaan hebt verzameld. Klinkt simpel, maar het systeem heeft een aantal belangrijke implicaties voor de openbare sector. Het pensioen zou namelijkniet meer berekend worden op basis van je eindeloopbaanloon, maar van een gemiddeld loon van je volledige loopbaan. 

Een aantalexterne factoren, zoals demografie, de toestand van de overheidsfinanciën, de pensioenkosten en de levensverwachting, spelen mee in de bepaling van het pensioenbedrag. Het pensioenbedrag wordt zo afhankelijk van factoren die een individu niet kan beïnvloeden.  

Het pensioenbedrag hangt ook af van eenbonus-malusregeling: wie langer werkt krijgt een hoger pensioen, wie vroeger stopt, krijgt minder. Laaggeschoolden gaan vaker vroeger met pensioen omwille van gezondheidsredenen én hebben een lager pensioen. Hooggeschoolden werken vaker langer en genieten al van een hoger pensioen. De sterken worden beloond en de zwakkeren worden gestraft. Deze regeling vergroot zo de sociale ongelijkheid.   

Ten slotteverandert de volledige berekeningsbasisvoor de pensioenbedragen binnen de openbare sector.   

Het puntensysteem vormt dus geen goede basis voor een hervorming van de pensioenen.

De hoogste pensioenen aftoppen

Bart De Wever (N-VA) wil de hoogste overheidspensioenen aftoppen om te besparen. Dat lijkt uiteraard een sympathiek voorstel. Maar niets is wat het lijkt. ACV Openbare Diensten analyseerde alles grondig en brengt argumenten die de verraderlijkheid van het voorstel duidelijk aantonen. 

Lees ze na op onze facebookpagina.   

Belangrijke ontwikkelingen in de sectoren

Lokale en Regionale Besturen

De Vlaamse regering wil interimarbeid mogelijk maken in de lokale sector en de Vlaamse administratie. Dat zou volgens het regeerakkoord moeten gebeuren na onderhandeling en op basis van dezelfde voorwaarden als in de privésector. Toch heeft de Vlaamse regering een regeling uitgewerkt die de al soepele regels in de privésector niet respecteert. De regering wil ook interimarbeid toelaten bij staking of lock-out. Ook over de arbeidsrechtelijke aspecten en sanctieregeling wanneer de regels niet nageleefd worden, is er allerminst duidelijkheid.
 
Echte onderhandelingen zijn er over die kwestie niet geweest. Toch hebben we er alles aan gedaan om het dossier in een positievere richting te duwen. Een minimaal compromis is door VVSG afgeschoten (onder politieke druk van Open VLD en N-VA) en de Vlaamse regering heeft een ontwerp van decreet doorgestuurd naar de Raad van State. Nu wachten we het advies van de Raad van State af. Maar de Vlaamse regering wil er blijkbaar alles aan doen om interimwerk in de Vlaamse openbare sector mogelijk te maken met zo weinig mogelijk regels en nog minder garanties dan in de privésector. 
De onderhandelingen over de decreten lokaal bestuur zijn aan de gang. Pijnpunten daar zijn wijzigingen over de tuchtregeling die onder meer voorzien dat een beroep bij tuchtsancties niet meer opschortend zou zijn.

De Vlaamse regering wil de OCMW’s in de gemeente integreren. Om juridische redenen zullen er twee rechtspersonen blijven. Maar men probeert dit te omzeilen door de politieke organen door dezelfde personen te bezetten. Tegelijk worden de decretale graden herleid op basis van het principe ‘eenheid van leiding’.

De nutsbedrijven Eandis en Infrax hebben aangekondigd te fusioneren tot Fluvius. Dat zal ongetwijfeld ook een weerslag hebben op het personeel. 

Vlaamse Overheid

Zoals hierboven al vermeld wordt ook de Vlaamse overheid geconfronteerd met invoering van interimarbeid. Het dossier werd gelijktijdig op beide comités (HOC Vlaamse overheid en Comité C1) voorgelegd. Ook voor de Vlaamse overheid was er geen ruimte om toch minimaal tot een procedure te komen gelijkwaardig aan wat voorzien is in cao 108 voor de privésector. Wij hopen dan ook dat het advies van de Raad van State de Vlaamse regering er toe zal dwingen toch nog tot echte onderhandelingen te komen.

Het gemeenschappelijk vakbondsfront heeft groen licht gegeven voor de ondertekening van het kwalitatief sectoraal akkoord 2015-2016. De onderhandelingen waren zwaar en moeilijk maar toch vonden we het belangrijk om te eindigen met een akkoord. Vooral de verplichte toepassing van een leidraad bij in-, out- of co-sourcing van diensten is belangrijk voor ons, met daarnaast ook de oprichting van een nieuwe begeleidingscommissie rond functieclassificatie en de verdere uitwerking van een burn-outbeleid. De nieuwe begeleidingscommissie functieclassificatie zal zich buigen over het aangekondigde optimalisatietraject. Ieder personeelslid zal een nieuwe functiebeschrijving krijgen. Nadien wordt elke functie verder ingedeeld in een functiefamilie en de functieniveaumatrix tegen eind 2017. 

Federale Overheid

  • De onderhandelingen in comité B over premies en vergoedingen zijn afgesloten zonder akkoord. 
  • Omwille van discussies over de premieregeling is in gemeenschappelijk front een actie van financiën gepland op 29 mei in Brussel en bij de douane van Zaventem en Antwerpen, op 2 en 12 juni. 
  • Onderhandelingen zijn lopende over de herstructurering van de civiele bescherming
  • Er is overleg over de verdubbeling van de capaciteit binnen de gesloten centra van Vreemdelingenzaken
  • Er is de verdere uitvoering van de zesde staatshervorming (FAMIFED ...). 
  • De zogenaamde Redesign heeft geleid tot de oprichting van de FOD BOSA. De uitwerking van het arbeidsreglement bij de Federale overheidsdienst heeft een symboolfunctie voor de rest van het Federaal Openbaar Ambt. 
  • Een sectoraal akkoord? Om de leden te sensibiliseren komt er een publiciteitscampagne van juni tot 21 juli. We willen de problematiek van het niet onderhandelen van een sectoraal akkoord onder de aandacht brengen. De thema's van ons eisenprogramma worden onder de aandacht gebracht. 

Politie

ACV Politie is akkoord gegaan met de voorstellen die de regering op tafel heeft gelegd in het kader van de sectorale onderhandelingen, weliswaar onder bepaalde voorwaarden.

Een groot deel van het politiepersoneel krijgt deloonscorrectiewaar ze al lang recht op hadden. Daarnaast werd er onderhandeld over devereenvoudiging van het systeem van functietoelagen en vergoedingen. Op een beperkt aantal toelagen na, worden ze allemaal uitdovend. Concreet komt het erop neer dat de aanwezige personeelsleden ze nog kunnen behouden zolang ze in hun specifieke functie (met de daaraan verbonden functietoelage) blijven. De nieuwkomers zullen terechtkomen in een vernieuwd, zeg maar opgekuist, systeem van vergoedingen. 

Op 26 april worden de onderhandelingen hervat. In de Vlaamse provincies vinden infosessies plaats voor leden en niet-leden om het akkoord toe te lichten. 
Door het vertrek van Commissaris-Generaal van de federale politie Catherine De Bolle, worden er binnenkort ook nog selecties georganiseerd van een nieuwe Commissaris-Generaal. Er zijn zeven kandidaten. De selecties zijn gepland op 9 april. 

Defensie

Het debat rond pensioenen blijft doorwegen. In afwachting van de zware beroepen lopen informele gesprekken over wat het aandeel van defensie zal zijn in het geheel van de discussie. Er wordt alvast gesproken over loopbaansparen, maar ook andere maatregelen zullen meer dan nodig zijn. 

In december hebben we als ACV Defensie alvast enkele werkpunten voorgelegd aan de minister om de job van militair terug aantrekkelijk te maken. We zien namelijk vaak dat defensie wild zoekt naar oplossingen. Denk maar aan de berichten over legerdienst of het internaatsysteem bij opleidingen van kandidaten. 

ACV Defensie dacht eerder aan betere carrièreperspectieven (zowel tijdens als na de militaire carrière), een beter beleid rond woon-werkverkeer en work-life balance en een betere verloning. Ook aan een cultuur van vertrouwen moet dringend gewerkt worden. We merken in meer en meer dossiers dat het de andere richting uit gaat (deontologie, evaluatie,…).

Brandweer

Het statuut werd voor de derde keer herzien. De teksten zijn ondertussen in het staatsblad verschenen. We hebben daarbij kunnen vermijden dat er geknipt werd in aantal sociale voordelen, zoals het verlof voor familiaal belang. Maar we hebben ook ons been stijf kunnen houden als het over de minimale middelen ging. Dat is belangrijk voor de veiligheid van de eigen mensen. De overheid engageerde zich bovendien tot een oplossing voor de diplomatoelage via een specialisatietoelage. Daaraan zullen we de komende tijd nog verder werken.

We merken ook dat in verschillende zones een mindere sfeer heerst. Er is vaak een zeer controlegericht beleid en dat weegt op mensen. Hoewel leidinggevenden vaak weten dat er dringend werk gemaakt moet worden van de cultuur in de organisatie, blijkt dat voor velen een struikelblok te zijn.

Tot slot stagneert het werk rond de gevaren voor kanker. We hebben heel wat moeten bewegen om de werkgroep die daarvoor werk opgericht, terug te doen starten. Begin mei zal de werkgroep terug samenkomen.

Vervoer

De Lijn staat nog voor een besparingsoefening van 7 miljoen euro in 2017, 2018 en 2019. Er staat ook nog een ingrijpende herstructurering op stapel. Deze oefening zou eind 2019 minimaal 30 miljoen euro aan besparingen moeten opleveren. De vooropgestelde nieuwe structuur van De Lijn bevat een centrale aansturing van de strategische domeinen met bijhorende ondersteunende diensten en de exploitatie dichter bij de reiziger en de lokale en regionale besturen (zie conceptnota ‘basisbereikbaarheid’).

De onderhandelingen  over ‘sociale programmatie’ moeten bij De Lijn nog opstarten. De Vlaamse regering voorziet (voorlopig) geen bijkomende financiële middelen. Een heel moeilijke oefening. De onderhandelingen in de autobus-autocar zijn daaraan gelinkt.

MIVB: besprekingen sociaal akkoord zouden moeten worden afgerond voor de zomervakantie.

TEC: onderhandelingen sociaal akkoord starten in juni. De Waalse regering heeft een bedrag voorzien.

De sector vervoer vraagt aandacht voor de problematiek van de zware beroepen, zowel in de publieke als in private sector. 

Zorgsector

De besprekingen over een eventueel sociaal akkoord lopen op twee niveaus: op Federaal en op Vlaams niveau.

Op Federaal vlak is er tijdens de begrotingscontrole voor 2017 een bedrag voorzien van 15 miljoen euro (voor privé- en openbare sector samen). Bijkomende middelen zouden moeten worden vrijgemaakt in de begroting 2018. Op dit ogenblik worden onze eisen verder besproken en werd ons gevraagd technische fiches op te maken. Belangrijk voor ons is dat de eindeloopbaanmaatregelen behouden blijven en indien mogelijk uitgebreid, dat de tweede pensioenpijler eindelijk operationeel wordt met bijkomende middelen, dat de personeelsnormen worden aangepast om de werkdruk te verlagen en dat er een aantal maatregelen worden genomen om de combinatie arbeid en gezin te verbeteren.

Bovendien is er het verhaal van IFIC (private sector) waarvoor de regering wel een bedrag wil vrijmaken (minstens 50 miljoen euro per jaar). Er wordt bekeken op welke manier de publieke sector daarvoor compenserende middelen kan krijgen.    

Op Vlaams niveau loopt de VIA 5 discussie. De regering voorziet slechts een marge van 70 miljoen euro voor privé- en openbare sector samen, maar enkel vanaf 2020. (de privésector kan daarbij gebruik maken van de tax shift – de openbare sector niet). 
Daarnaast is er een bedrag van 441 miljoen euro voorzien voor een uitbreidingsbeleid binnen het departement Welzijn, Volksgezondheid en Gezin (minister Vandeurzen). Het is op dit ogenblik onduidelijk waaraan dat bedrag precies kan worden besteed en hoeveel daarvan kan gaan naar de publieke sector. We vroegen verduidelijking.  

Intern ACV

  • ACV heeft een campagne opgestart om de e-mailadressen en gsm-nummers van leden te verzamelen. Voor onze centrale beschikken we bijvoorbeeld maar voor 44% van onze leden over een e-mailadres. Willen we iedereen goed kunnen bereiken en informeren, dan moet dit cijfer uiteraard omhoog.
  • ACV heeft een nieuwe werkwijze om nieuwe leden te ontvangen. Zij zullen veel sneller (binnen de week) worden gecontacteerd en een bevestiging van hun aansluiting ontvangen.