Bedankt voor bewezen diensten?




Op 29 juni 2018 gaf de Vlaamse regering haar eerste principiële goedkeuring aan het voorstel van minister Homans in het kader van de gelijkschakeling van de arbeidsvoorwaarden van contractuele en statutaire personeelsleden van de Vlaamse overheid. 
Deze voorstellen betekenen een drastische aanpassing van de arbeidsvoorwaarden van de statutaire personeelsleden. Contractuele personeelsleden krijgen enkele kruimeltjes toegestopt, kruimeltjes die door statutairen onaanvaardbaar duur betaald worden. 
 
Een van de maatregelen gaat over de hervorming van ontslagmogelijkheden.  
 

Huidig systeem

Een ambtenaar wordt jaarlijks geëvalueerd. Wanneer hij/zij twee onvoldoendes binnen een periode van drie jaar heeft, wordt hij ontslagen. De ontslagen ambtenaar heeft recht op een opzeggingstermijn van drie maanden per begonnen vijf jaar anciënniteit, en heeft onder bepaalde voorwaarden recht op outplacementbegeleiding. 

Een contractueel personeelslid kan in toepassing van de arbeidsovereenkomstenwet steeds ontslagen worden, ook als die persoon bij een evaluatie geen “onvoldoende” heeft gekregen.

Ambtenaren die bij een evaluatie “onvoldoende”, “loopbaanvertraging”, “tuchtstraf” of “schorsing” of een negatieve evaluatie van de proeftijd krijgen, kunnen daartegen in beroep gaan. De Raad van beroep voor ambtenaren, het orgaan waar beroep mogelijk is, is er wel enkel voor statutaire personeelsleden en niet voor contractuelen.  
 

Het voorstel van de Vlaamse regering

De Vlaamse Regering wil dat elke ambtenaar na twee onvoldoendes in de loopbaan (en dus niet in drie jaar) ontslagen kan worden. Bovendien zal de evaluatieperiode al zes maanden na de vorige kunnen plaatsvinden. 

In de opzegtermijnen voor ambtenaren wordt aanzienlijk geknipt. Momenteel krijgt een ontslagen ambtenaar drie maanden opzegtermijn per begonnen periode van vijf jaar. De Vlaamse regering zal dat nu berekenen op weekbasis en in bijna alle gevallen leidt dat tot een drastische vermindering van de opzegvergoeding. 

Wanneer een proeftijd op een negatieve evaluatie eindigt, wil de Vlaamse regering de mogelijkheid tot beroep afschaffen. Naar eigen zeggen is dat omdat de wervingen van zodanige kwaliteit zijn dat er weinig negatief geëvalueerd wordt.  
 

Onze visie

De huidige evaluatieregeling werkt op een logische manier. Jaarlijks worden in een planningsdocument je doelstellingen bepaald. Tijdens het jaar wordt jouw functioneren opgevolgd en zo nodig tussentijds bijgestuurd. Na afloop van het jaar wordt jouw functioneren in dat jaar geëvalueerd. Als je onvoldoende gefunctioneerd hebt, moet je je functioneren bijsturen, waarbij je gecoacht kan worden. Als je het jaar nadien, of het jaar dáárna, nog niet voldoende functioneert, word je ontslagen.  Een faire regeling, waarin de belangen van werkgever en werknemer in evenwicht zijn. 

In het voorstel van de Vlaamse regering, zal je na een “onvoldoende” veel minder kans krijgen om bij te sturen. Als je ooit één onvoldoende hebt gekregen, zal de ontslagdreiging de rest van je carrière boven je hoofd hangen. Want als je ooit in je carrière, zelfs al is het 40 jaar later, een tweede onvoldoende krijgt, kan je ontslagen worden. 

Bovendien kunnen je evaluatoren de tijd die je gegund wordt om je functioneren bij te sturen, drastisch inperken. Bij een “onvoldoende”, kan je immers al opnieuw geëvalueerd worden na de zesde maand die volgt op de vorige periode die geëvalueerd werd. Dat betekent dat je al op 1 juli opnieuw geëvalueerd kan worden. Als je dus op 31 maart een onvoldoende krijgt, zal je er mogelijk in moeten slagen om binnen een periode van slechts drie maanden je functioneren bij te sturen om een ontslag te vermijden. Er zijn veel situaties, bijvoorbeeld wanneer je bepaalde competenties of kennis moet verwerven die je nog niet bezit, waarin het praktisch zeer moeilijk tot onmogelijk wordt om tijdig bij te sturen.

Ook moeten we het onderscheid maken tussen evaluatie en tucht. Het is niet zo dat je zomaar zwaar over de schreef kan gaan zonder daar een sanctie voor te krijgen. Daar dienen immers de tuchtprocedures voor en die wijzigen niet. Een evaluatie gaat enkel over het dagelijks functioneren van een personeelslid. Volgens de logica van de minister is het dus onaanvaardbaar dat iemand op een carrière van 43 jaar twee keer een dipje heeft in zijn of haar functioneren.

En als we dan kijken naar de beroepen die ingesteld worden in functie van een evaluatie, komen we tot een zeer ontnuchterende vaststelling. Van alle 78 beroepen die tussen 2012 en 2017 werden ingeroepen tegen een onvoldoende waren er 61 ongegrond, waarvan 45 unaniem. Dat wil zeggen dat in 78% van de gevallen de evaluatie onterecht negatief was. Binnen het huidige systeem kunnen de gevolgen van een negatieve evaluatie al zwaar doorwegen, maar in het nieuwe voorstel neem je dat dus mee voor de rest van je carrière. 

De gevolgen van een negatieve stageperiode zijn trouwens nóg ernstiger omdat er in het voorstel zelfs geen beroep meer mogelijk is. Met de wetenschap dat 42% van alle beroepsprocedures tussen 2012 en 2017 die handelden over negatieve stageperiodes onterecht negatief waren, kan je dit nieuwe voorstel onmogelijk steunen. De mogelijkheid om in beroep te gaan is een essentieel onderdeel binnen onze samenleving. Dat kunnen we toch niet afschaffen? 

Daarnaast komt de verlaging van de opzegvergoeding voor ambtenaren gewoon neer op nog maar eens een brute besparingsoperatie.  
 

Ons alternatief

Na een evaluatie moet een personeelslid steeds de mogelijkheid hebben om te reageren op de gemaakte opmerkingen én de nodige tijd en coaching krijgen om zich te verbeteren. De periodebeperking voor twee onvoldoendes afschaffen is geen faire zaak. De twee onvoldoendes moeten met elkaar te maken hebben en mogen geen 20 jaar uit elkaar te liggen. Wij zijn daarom voor behoud  van de huidige 3-jaar beperking. 

En waarom beroepsmogelijkheden afschaffen? Statutaire ambtenaren hebben de mogelijkheid om in beroep te gaan tegen een negatieve evaluatie. En dat is nodig, toont het hoge aantal onterecht negatieve evaluaties aan. In plaats van het wegwerken van de rechten van statutair personeel, zouden ook de contractuele personeelsleden recht moeten krijgen op een interne beroepsprocedure. 

Een trots Vlaanderen verdient een goede Vlaamse overheid. Vlaamse personeelsleden verdienen daarom beter behandeld te worden.
  
#VlaanderenVerdientBeter