Stervensbegeleiding voor de provincies?

provincies
Wat de positie van de provincies betreft, gaat men verder door op de beslissing van het regeerakkoord 2009-2014, namelijk dat de provincies enkel bevoegd zijn voor taken met een grondgebonden karakter.

Na de interne staatshervorming werd de afgeslankte provinciale taakstelling voor de zogenaamde ‘persoonsgebonden taken’ in een decreet verankerd en/of opgenomen in de bestuursakkoorden tussen de Vlaamse regering en de provincies. 
Het gaat o.a. over sportbeleid, jeugdbeleid en cultureel erfgoed. Die taken en de bijhorende middelen zullen in uitvoering van dit regeerakkoord overgeheveld worden naar de Vlaamse administratie of naar de gemeenten. De timing en de manier waarop zijn niet nader gespecifieerd.

Naast die overheveling voorziet het regeerakkoord dat de provincies geen bovenlokale taken meer zullen uitvoeren of gebiedsgerichte initiatieven nemen in gemeenten met meer dan 200 000 inwoners. In de praktijk gaat het om de steden Antwerpen en Gent. Samen met de bevoegdheden gaan ook de taken en financiële middelen mee over.
De provincies moeten zich ook terugtrekken uit de intergemeentelijke samenwerkingsverbanden.

Wij vragen ons af wie, hoe en op welk bestuursniveau de ontnomen taken zullen ondervangen worden. Het gaat om noodzakelijk werk dat op vandaag door de provinciale besturen tot ieders tevredenheid verricht wordt. Wij verwachten dan ook snel duidelijkheid over de verdere inzet van alle betrokken personeelsleden.

Uiterlijk na de verkiezingen van 2018 zal het aantal provincieraadsleden gehalveerd worden en het aantal gedeputeerden tot maximum 4 beperkt worden.

Wij volgen de situatie op de voet en zullen er alles aan doen om de gevolgen voor het personeel van deze drastische ingreep tot een minimum te beperken en hun rechten maximaal te vrijwaren.