Alles wat je moet weten over de tweede pensioenpijler

  


Na veel inspanningen van ACV Openbare Diensten, is er eindelijk een doorbraak in het dossier van de tweede pensioenpijler voor federale contractuelen. De federale regering heeft groen licht gegeven voor een openbare aanbesteding om de verzekeraar aan te duiden voor het beheer van de pijler.  

Dit is alles wat je moet weten over de tweede pensioenpijler voor contractuelen bij de federale overheid.

Wat is het?

Het aanvullend pensioenstelsel voor alle contractuele personeelsleden in dienst bij de federale staat is een feit. ACV Openbare Diensten ziet zo een strijdpunt van de afgelopen jaren gerealiseerd worden. Het gaat om een spaarsysteem dat volledig wordt gefinancierd door de werkgever. De werkgever levert een vaste bijdrage. Die bedraagt 3% van het jaarloon.

De bijdragen worden belegd in een beleggingsverzekering tak 23. Het wettelijk minimumrendement voorzien in de wet op de aanvullende pensioenen van 1,75% wordt gewaarborgd.

De regeling start in twee fasen. 
  • 1 juli 2019: De regeling gaat in voor de werknemers van de federale diensten en van de geïntegreerde politie. 
  • 1 januari 2020: De regeling gaat in voor het personeel van de federale openbare entiteiten en de federale publiekrechtelijke rechtspersonen. 
Voor wie daarvoor al in dienst was, wordt een stuk teruggegaan in de tijd. Voor prestaties van vóór de start van de regeling wordt een bijpassing gedaan.
  • 2017: 1% van het jaarloon 
  • 2018: 1,5% van het jaarloon
  • 2019: 3% van het jaarloon
Om de opstartbijdrage te ontvangen moet je nog in dienst zijn op het moment dat de regeling ingaat.

Het aanvullend pensioen is beschikbaar op 67 jaar. Het kan worden uitgekeerd als een eenmalig kapitaal of een maandelijkse rente. Bij overlijden vóór de opname van het aanvullend pensioen wordt de verworven reserve uitbetaald aan een begunstigde. 

Voor wie geldt de regeling en wanneer gaat hij in?

Er wordt een aanvullend pensioen voorzien voor alle contractuele personeelsleden in dienst bij de federale staat, behalve voor studenten. 

Wanneer de regeling ingaat, hangt af van je dienst.

Vanaf 1 juli 2019:
1. Personeel van een federale dienst
  • een federale overheidsdienst of een programmatorische federale overheidsdienst, en de diensten die ervan afhangen
  • het ministerie van Defensie en de diensten die ervan afhangen
  • een van de volgende rechtspersonen: 
    • het eHealth-platform
    • het Federaal Agentschap voor de kinderbijslag
    • het Federaal Agentschap voor beroepsrisico’s
    • de Federale Pensioendienst
    • de Hulpkas voor werkloosheidsuitkeringen
    • de Hulpkas voor Ziekte- en Invaliditeitsuitkeringen
    • de Kruispuntbank van de Sociale Zekerheid
    • de Rijksdienst voor Arbeidsvoorziening
    • de Rijksdienst voor Jaarlijkse vakantie
    • de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid
    • het Rijksinstituut voor de Sociale Verzekeringen der Zelfstandigen
    • het Rijksinstituut voor Ziekte- en invaliditeitsuitkering
    • de Regie der Gebouwen
    • het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen
    • het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten
    • het Federaal Planbureau
    • de Centrale Dienst voor Sociale en Culturele Actie van Defensie
    • het Nationaal Geografisch Instituut
    • het War Heritage Institute
    • de Controledienst voor de ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen
    • het Instituut voor gelijkheid van mannen en vrouwen
    • het Agentschap 112
  • de diensten van de rechterlijke orde
  • federaal agentschap voor de opvang van asielzoekers
  • Belgisch instituut voor postdiensten en telecommunicatie
2. Personeel van een beleidscel of een secretariaat in het kader van de beleidsondersteuning voor de federale Regering.
3. Personeel van de geïntegreerde politie

Vanaf 1 januari 2020: 
1.Personeel van een van de volgende federale openbare entiteiten of een federale publiekrechtelijke rechtspersonen:
  • Centrale Raad voor het Bedrijfsleven
  • Enabel
  • Hoge Raad voor de Zelfstandigen en de KMO
  • Unia
  • Nationaal Orkest van België
  • Nationale Arbeidsraad
  • Raad van State
  • Paleis voor Schone Kunsten
  • Federaal Agentschap voor Nucleaire Controle
  • Sciensano; Federaal Migratiecentrum (Myria)
  • Koninklijk gesticht van Menen
  • Vast comité van toezicht op de politiediensten
  • Vast comité van toezicht op de inlichtingendiensten
  • Belgische mededingingsautoriteit
  • Credibe
  • Credendo
  • NIRAS
  • Federale participatie- en investeringsmaatschappij
  • Ducroire
  • ASTRID
  • Cel voor financiële informatieverwerking
  • CREG
  • Koninklijke munt van België
  • Studiecentrum voor kernenergie
  • Koninklijk filmarchief van België
  • Fonds voor dringende geneeskundige hulpverlening
  • Belgische maatschappij voor internationale investeringen
  • Drukkerijmuseum
  • Belgoprocess
  • Egov
  • Belgische investeringsmaatschappij voor ontwikkelingslanden
  • Consumentenombudsdienst
  • Agentschap voor de schuld
  • Ombudsdienst voor energie
  • Congrespaleis
  • VZW sociaal verwarmingsfonds stookolie lamppetroleum en propaan in bulk
  • Dienst voor wetenschappelijke en technische informatie
  • Bureau voor normalisatie
  • Commissie boekhoudkundige normen
  • Apetra
  • Instituut voor gerechtelijke opleiding
  • Stichting Kankerregister
  • Kas der geneeskundige zorgen van HR-Rail
  • SMALS
  • Intermutualistisch agentschap
  • Certi-Fed
  • Zephir-Fin
  • Nationale Bank van België
  • FSMA
  • Koninklijke Schouwburg
2. Vanaf 1 januari 2020 kunnen de federale openbare entiteiten en de federale publiekrechtelijke rechtspersonen, andere dan deze hierboven vermeld, verzoeken hun contractuele personeelsleden aan te sluiten.

Wanneer start de pensioenopbouw?

De nieuwe regeling gaat in op 1 juli 2019 of 1 januari 2020, afhankelijk van je dienst (zie “Voor wie geldt de regeling en wanneer gaat hij in?”). Iemand die na de datum dat de regeling ingaat als contractueel begint te werken bij de federale overheid, begint zijn pensioen dus gewoon op te bouwen vanaf het moment dat hij in dienst treedt.

Iemand die daarvoor al in dienst was bij de federale overheid, begint zijn pensioen op te bouwen vanaf het moment dat de regeling ingaat (1 juli 2019 of 1 januari 2020, afhankelijk van de dienst). Daarbovenop krijgt dat personeelslid – als hij nog steeds in dienst is wanneer de regeling ingaat – een extra bijdrage:
  • Voor prestaties in 2017: 1% van het jaarloon
  • Voor prestaties in 2018: 1,5% van het jaarloon
  • Voor prestaties in 2019: 3% van het jaarloon

Hoeveel bedraagt de pensioenopbouw?

Het aanvullend pensioenstelsel is een spaarsysteem dat volledig wordt gefinancierd door de werkgever. De werkgever betaalt een vaste bijdrage van 3% van het jaarloon. Als je deeltijds werkt, is de bijdrage ook minder in verhouding.

Het jaarloon is de bruto baremawedde van de eerste maand van het jaar x 13,92 x het tewerkstellingspercentage.

ACV Openbare Diensten wil dat percentage optrekken naar 6% om zo een volwaardig pensioen te bereiken voor contractuelen bij de federale overheid.

Tijdens welke periodes bouw je pensioen op?

De pensioenbijdragen worden betaald voor perioden van tewerkstelling, voor verloven met loonbehoud, zwangerschapsverlof, vaderschapsverlof, geboorteverlof en adoptieverlof.

Wanneer is het aanvullend pensioen beschikbaar?

De pensioenleeftijd van de pensioentoezegging is 67 jaar.

Onder welke vorm wordt het aanvullend pensioen uitbetaald?

Je kan kiezen om het aanvullend pensioen als eenmalig kapitaal op te nemen of als een maandelijkse rente.

Hoe groot zal het aanvullend pensioen zijn?

Het aanvullend pensioen is een spaarformule. De opbrengst hangt af van hoelang je in het stelsel zit, hoeveel je werkt en het rendement. De volgende resultaten illustreren een mogelijke opbrengst na een volledige aansluiting gedurende 45 jaar:

NiveauBruto kapitaal*Bruto rente/m*
D€ 57 515€ 281
C€ 94 133€ 461
B€ 115 618€ 565
A€ 139 666€ 682
*voorbeeld ter illustratie van de grote orde van de opbrengst.

Hoeveel bedraagt mijn aanvullend pensioen al?

Na de inwerkingtreding van het stelsel zal je jaarlijks een pensioenfiche ontvangen. Je aanvullend pensioen kan je ook raadplegen op www.mypension.be.  

Hoe worden de fondsen belegd?

De opeenvolgende premies worden belegd in een tak 23 beleggingsfonds. Er moet rekening gehouden worden met sociale, ethische en milieuaspecten. Het wettelijk minimumrendement van artikel 24 van de WAP moet worden behaald. Momenteel bedraagt dat 1,75%. 

Wat als ik overlijd voor mijn pensioen?

De overlijdensprestatie is gelijk aan het bedrag van de op het moment van overlijden verworven reserve. In geval van overlijden van de aangeslotene, ontvang(t)(en) zijn/haar begunstigde(n) de uitbetaling van de verworven reserve.