Minister Vandeput trekt zich niets aan van zijn ambtenaren



Dat de kinderbijslag geregionaliseerd zal worden, werd op 11 oktober 2011 beslist in het zogenoemde Vlinderakkoord over de zesde staatshervorming. Enkel rond de timing bestaat er nog geen 100% zekerheid. Naar alle waarschijnlijkheid zullen zowel de Vlaamse, de Franstalige als de Duitstalige gemeenschap ervoor kiezen om de bevoegdheidsoverdracht in te laten gaan vanaf 1 januari 2019. Brussel volgt allicht in 2020. Met de bevoegdheid worden ook alle personeelsleden overgeheveld naar de gewesten. FAMIFED houdt dan op te bestaan. Met serieuze gevolgen. 

Heel wat medewerkers zullen bijvoorbeeld minder gaan verdienen. Wie niet naar Brussel gaat, verliest de taalpremie die maandelijks toch 34 tot 187 euro netto bedraagt. Daarnaast verliezen inspecteurs/controleurs ook hun bureauvergoeding (122 euro netto per maand) en riskeren ze hun forfaitaire verblijfsvergoeding (273,10 euro netto per maand) kwijt te spelen. Op die manier kunnen een aantal personeelsleden in het slechtste geval 400 euro per maand verliezen. Zomaar ineens.

Het personeel heeft er zelf niet voor gekozen om over te gaan naar de gewesten en dus ook niet voor het daarbij horende statuut. Nee, dit is een politieke keuze.

De personeelsleden behouden enkel hun gegarandeerd basisloon. Maar hun premies, hun loopbaanperspectief, dat is onzeker. Premies krijgen ze immers enkel als ze ook in het gewest bestaan, wat vaak niet het geval is.

Wij willen daarom dat bij overgang naar de gewestelijke overheden het bedrag van de premies die daar niet bestaan of die lager zijn, wordt toegevoegd aan het loon. Voor de personeelsleden vormen de premies immers een concreet onderdeel van hun loon. Het is een inkomen waar ze iedere maand op rekenen.

En niet alleen financieel hangt hen wat boven het hoofd. Voor een aantal personeelsleden betekent de overgang zelfs dat hun functie ophoudt te bestaan. Bij de gewestelijke overheidsdiensten zijn er immers veel minder vertalers nodig. Deze personeelsleden zullen dus geen vertaalwerk meer kunnen doen, ook al hebben ze nooit iets anders gedaan. Wij willen dat er voor deze mensen een oplossing wordt gezocht zodat ze ergens anders binnen de federale overheid alsnog een job als vertaler kunnen krijgen.

Ook de combinatie arbeid-gezin is op Vlaams niveau vaak minder goed geregeld. Verschillende verlofstelsels bestaan niet in de gewesten of zijn meer gekoppeld aan voorwaarden.

En met de overgang neemt ook de werkdruk toe. Dossierbeheerders moeten op heel korte termijn een nieuw computerprogramma en andere wetgeving onder de knie krijgen. Dat aanleren komt nu al bovenop het huidige takenpakket. Want het dagelijks werk stopt niet.

Het kabinet Vandeput is bevoegd voor het KB dat de overdracht van het federaal niveau naar de gewesten regelt. Minister Vandeput is echter niet van plan om iets te doen aan de onzekere situatie van de personeelsleden. De reden: bij de Raad van State zijn er niet veel lopende dossiers over problemen bij vorige overdrachten. Dan zal het deze keer ook wel meevallen zeker?

Dat de mensen van FAMIFED een deel van hun inkomen gaan verliezen, laat hen gewoon koud.
Maar ACV Openbare Diensten wil absoluut een oplossing voor dat inkomensverlies, voor de functies die verloren gaan en voor het gebrek aan overgangsmaatregelen voor verlofregelingen.

Wij willen daarover dan ook dringend met Minister Vandeput aan de onderhandelingstafel gaan zitten.