8 redenen om het werk neer te leggen op 30 april



De maat is vol voor de federale ambtenaren. Sinds de zomer van vorig jaar lanceren minister Vandeput en zijn partij de ene na de andere aanval op het federaal ambtenarenapparaat. Ze voeren in het wilde weg besparingen door waarachter geen bredere visie schuilt.  

Daarom roepen we de federale ambtenaren op om op 30 april het werk neer te leggen. Dit zijn 8 redenen waarom. 

Omdat de houding van de regering tegenover het overheidspersoneel problematisch is



In het regeerakkoord staat dat er drastisch gesnoeid zou moeten worden in de personeels- en werkingskredieten van de federale overheid. Een redesign moest ervoor zorgen dat het overheidsapparaat slanker en efficiënter werd. Nu dat laatste niet lijkt te lukken, wordt er in het wilde weg bespaard. Achter die aanpak zit geen enkele visie om de diensten te verbeteren. En dat is problematisch. 
 
Met dit beleid zit minister Vandeput in een negatieve spiraal. Zijn oorspronkelijke belofte om het overheidspersoneel z’n fierheid te willen teruggeven, klopt dus niet. 

Omdat ziek zijn geen keuze is


  
Minister Vandeput wil het ziektekrediet voor federale ambtenaren afschaffen. Dat zou vervangen worden door 30 dagen gewaarborgd loon per jaar. Na die 30 dagen vallen ambtenaren terug op 60% van het loon.   

Dat is volgens ons enorm ongevoelig. De minister wil besparen op de rug van ambtenaren die geconfronteerd worden met een ernstige ziekte. Wie het slachtoffer wordt van kanker, een hartaandoening, een zwaar ongeval, een burn-out … zal het stevig voelen in de portemonnee. Blijkbaar moeten de zieken mee opdraaien voor het gat in de begroting.  

Bovendien is de regel die de minister wil doordrukken nóg nadeliger dan wat geldt voor contractuelen of voor werknemers uit de privésector. Als zij al een periode van ziekteverlof hebben opgenomen, hebben zij bij een terugval opnieuw recht op gewaarborgd loon. Een statutaire ambtenaar daarentegen zou bij een terugval gewoon geen ziektedagen meer over hebben. Maar een ernstige ziekte of een burn-out los je toch niet op in 30 dagen?  

Ziek zijn is geen keuze. Blijf van ons ziektekrediet af.

Omdat werkzekerheid belangrijk is

 

De regering wil komaf maken met de vaste benoemingen bij de federale overheid. Alleen ambtenaren in zogenaamde ‘gezagsfuncties’ zouden nog benoemd kunnen worden.  

Maar het ambtenarenbestaan zal na de afschaffing van de statutaire benoeming niet meer aantrekkelijk zijn. Wie wil binnenkort nog voor de overheid werken zonder extralegale voordelen? Zonder vooruitzicht op promotie? Met een matig loon en minder pensioen? Met minder verlof? En vooral: zonder enige werkzekerheid?  

Die werkzekerheid was tot nu de grootste troef van het werken bij de federale overheid. Werknemers die kiezen voor de overheid als werkgever, moeten niet rekenen op veel extraatjes, maar zijn wel relatief zeker dat ze hun job kunnen behouden. Voor veel mensen is het dan ook een bewuste keuze.  

Maar zonder die werkzekerheid zullen ook die mensen richting de privésector trekken, waar een beter betaalde job mét promotiekansen op hen wacht. 

Omdat het aantal burn-outs maar blijft toenemen

 

Het aantal burn-outs in de openbare sector stijgt. Uit de meest recente cijfers blijkt dat ambtenaren gemiddeld 16,3 dagen per jaar ziek thuis zitten, en dat de oorzaak van een kwart van die ziektedagen stress en oververmoeidheid zijn. 

Goede verlofregelingen zijn nodig om de work-life balance gezond te houden en kunnen die stijging van het aantal burn-outs tegengaan. Toch heeft minister Vandeput beslist om te beknibbelen op het verlof van de ambtenaren. Minister Vandeput wil drie verlofregelingen aanpassen:
  • De leeftijd waarop je als personeelslid van de federale overheid anciënniteitsverlof kan krijgen, zou verhoogd worden. 
  • Je zou nog steeds omstandigheidsverlof krijgen op de dag van de communie of het lentefeest van je kind, maar de dag erna niet meer. Ook de feestdag van 2 november wil de minister laten sneuvelen.
  • Het recuperatieverlof als compensatie voor gepresteerde overuren zou van 12 naar 9 dagen per jaar gaan. 
Opnieuw gaat het om een hardvochtige beslissing met een grote impact op mensen die het al moeilijk hebben. 

Omdat ons voedsel straks gecontroleerd wordt door een interimkracht

 

Bij de federale overheid zijn er immers niet veel eenvoudige jobs zijn die gemakkelijk ingevuld kunnen worden door een interimkracht. Integendeel, er zijn vooral gespecialiseerde functies die een zekere mate van kennis, ervaring en competenties vereisen. 
Stel je eens even voor dat een onervaren interimkracht plots jouw belastingaangifte moet verwerken of dat iemand zonder kennis van zaken de veiligheid van ons voedsel moet controleren. Te gek voor woorden, toch?  

Daarnaast kan je in tijden van zware besparingen, wanneer de regering de personeels- en werkingskosten van de federale overheidsdiensten drastisch heeft teruggeschroefd, interimwerk al helemaal niet verdedigen. Een interimwerknemer is ongeveer dubbel zo duur als een gewoon personeelslid bij de overheid. Eén voor de prijs van twee zeg maar. Nogmaals, totaal absurd!  

Minister Vandeput lijkt hiermee vooral aan de interimsector een groot cadeau te willen geven. Voor N-VA is dit immers een symbooldossier waarmee de partij de gelijkschakeling van de overheidssector met de privésector wil doortrekken, of dat nu nuttig is of niet.


Omdat de argumenten van minister Vandeput niet kloppen



De argumenten die minister Vandeput (in de media) aanhaalt om zijn manier van werken te verantwoorden, kloppen niet altijd. 
  • Minister Vandeput: "Er zijn net heel veel positieve stappen, bijvoorbeeld in het kader van meer promotiekansen voor iedereen.” 

    Meer promotiekansen voor contractuelen leiden niet tot meer werkzekerheid voor die mensen. Zullen zij tegen afdanking beschermd worden wanneer hun dienst in het kader van een staatshervorming naar de gewesten en gemeenschappen overgeheveld wordt?  

  • Minister Vandeput: "We vereenvoudigen, moderniseren en werken ongelijkheden uit het verleden weg. Wil de vakbond de ongelijkheden uit het verleden niet weg? Wil de vakbond geen volwaardige loopbaan voor contractuelen? Wil de vakbond niet dat de kansen op promotie verhogen?"

    De minister koketteert met het argument dat hij de lonen van contractuelen en statutairen wil gelijkschakelen. Aangezien de nieuwe loopbaan gestart is in 2014 zal het nog tot 2029 duren vooraleer de contractuelen daarvan iets zullen merken. Als de minister iets aan de lonen wou veranderen, had hij zijn functiewegingen en functiefamilies beter aan nieuwe loonschalen gekoppeld. Zo zou iedereen onmiddellijk het effect ervan voelen.

  • Minister Vandeput: "Wil de vakbond geen individueel begeleidingstraject voor ambtenaren die hun loopbaan een andere wending willen geven? Willen ze niet dat mensen aangeworven worden die wel de juiste competenties hebben maar niet het juiste diploma? Willen ze niet dat afwezigheden of vermeerderingen van werk kunnen opgevangen worden door interimkrachten?

    Minister Vandeput wil het federaal openbaar ambt leiden alsof het een kleine KMO is: onderwijs en diploma’s zijn niet langer belangrijk, werkzekerheid is geen must en personeelstekorten worden opgevuld door interimkrachten. Misschien werkt zoiets in een KMO, maar een grote organisatie zoals het federaal ambt heeft neutraliteit, objectiviteit en continuïteit nodig. De voorstellen van minister Vandeput leiden enkel tot willekeur en vriendjespolitiek.

Omdat we allemaal langer moeten werken in moeilijke omstandigheden



De pensioenleeftijd werd al verhoogd tot 67. Heel veel mensen hebben het moeilijk om tot die leeftijd aan de slag te blijven. En de minister maakt het er niet gemakkelijker op door te raken aan het ziektekrediet en de verlofregeling. 

Langer werken, en tegelijk de mogelijkheden om werk werkbaar te houden afbouwen, dat is onhoudbaar. 

Omdat je als ambtenaar binnenkort niet meer neutraal kan zijn



Niets is zo eigen aan de ambtenaar als zijn statuut. Statuut is eigenlijk een ander woord voor rechtspositie, of gewoon voor arbeidsvoorwaarden. Maar dat statuut wordt steeds meer in vraag gesteld: “Waarom moet een ambtenaar eigenlijk een statuut hebben?” En “hoe zinvol is dat nog in een tijd dat een vierde van het personeel contractueel wordt aangeworven?” Of “waarom nog twee soorten personeel met aparte arbeidsvoorwaarden als ze allebei hetzelfde werk doen?”

Wel, dat is historisch gegroeid. Een ambtenaar vervulde namelijk taken die verbonden waren aan het overheidsapparaat zoals justitie of ordehandhaving. Later kwamen daar ook wetenschappelijke en uitvoerende taken bij. De overheidswerknemer is een aparte werknemer en geniet een speciale rechtsbescherming omdat de werkgever van politieke kleur kan veranderen. Die bescherming wordt gegarandeerd door het statuut.

Dat statuut is dus geen normaal arbeidscontract waarin beide partijen het eens moeten zijn over de voorwaarden. Een ambtenaar wordt enkel eenzijdig aangesteld door de overheid en heeft geen enkele inspraak in zijn loon- of arbeidsvoorwaarden. Hij heeft slechts het recht om te eisen dat de regels die vastgelegd zijn in het statuut worden nageleefd.

Als het statuut wegvalt, valt ook de garantie op een neutrale behandeling weg. Zonder vaste benoeming, worden ambtenaren afhankelijk van een politieke overheid. En dat heeft gevolgen voor hun job.