Zo zou ik het doen als ik minister was!



De regering heeft grootse plannen om het statuut van de federale ambtenaar te hervormen. Dat lijkt tot nu toe niet erg rooskleurig te zijn voor de huidige ambtenaar, noch voor het toekomstig personeelslid van het openbaar ambt. Zo is er de heisa over het feit dat de statutaire aanwerving niet langer de norm zou zijn, maar dat functies in de eerste plaats toegewezen zouden worden aan contractuele personeelsleden en zelfs interimkrachten. Ook is er sprake van een afbouw van het stelsel van ziektekrediet. Dat zou dan vervangen worden door een nieuwe regeling die nog minder voordelig is dan die van de privésector. 

Die maatregelen zullen negatieve gevolgen hebben voor het personeelslid zelf, dat een lager pensioen opbouwt en minder werkzekerheid heeft dan vroeger. En erger nog, het zal ook gevolgen hebben voor de dienstverlening van het openbaar ambt. Dat zal minder aantrekkelijk worden waardoor de goede werking van de diensten geschaad wordt. Wie zal er nog verre en lange verplaatsingen willen doen voor een matig betaalde job met weinig of geen extralegale voordelen en waarvan de promotiemogelijkheden zeer beperkt zijn? Voor een job waarbij het zwaard van Damocles boven het hoofd van de werknemers hangt bij elke reorganisatie of bij de verdere uitvoering van de staatshervorming? 

Natuurlijk moet het openbaar ambt zichzelf regelmatig in vraag stellen en onderzoeken of het nog mee is met zijn tijd. Ook wij willen ons steentje daaraan bijdragen. Daarom sommen we op wat wij zouden veranderen aan het federaal statuut. We zouden:
  • zorgen voor een marktconforme beloning, met een volwaardige dertiende maand en met de extralegale voordelen zoals die momenteel in de privésector gangbaar zijn.
  • elke functie wegen en de lonen van de mensen aan de resultaten van die weging koppelen.
  • zorgen voor een eindeloopbaanplan, zodat de mensen die langer moeten werken dat fysiek en mentaal ook aankunnen.
  • voor een pensioen zorgen waarvan het bedrag de vergelijking met onze buurlanden kan weerstaan.
  • Ik zou meer overleg organiseren met het personeel en onderhandelingen voeren met hun vakbonden. Zo worden beslissingen samen gedragen en niet meer over de hoofden van de mensen heen genomen.
  • Ik zou ervoor zorgen dat iedereen los van tijd en plaats kan werken, zodat arbeid en eigen tijd beter in balans zouden zijn.
  • Ik zou samen met mensen die er meer van afweten dan u of ik eens goed nadenken over de manieren waarop we burn-outs kunnen vermijden.
Ben jij het daarmee eens? Of wat zou jij doen met het federaal statuut als jij minister was voor één dag? Stuur een mail naar de bevoegde ministers en laat het hen weten! Zo doen ze misschien nog wat inspiratie op voor de organisatie van het openbaar ambt.