Burn-outs bij federale ambtenaren

Steven Vandeput, Minister bevoegd voor het Openbaar Ambt, is bezorgd om het welzijn van de federale ambtenaren. Hij heeft een plan om de vele burn-outs in de toekomst te vermijden. Telewerk, afschaffing van de prikklok of tijdelijk werk in de privésector moeten daar een rol in spelen. Goed idee, vinden wij. Zolang dit niet bij intenties alleen blijft. 

De voorgestelde maatregelen zijn niet nieuw. De meeste hebben ook een zeker succes bij de ambtenaren. 
  • In de meeste instellingen is, waar het werk het toelaat, telewerk toegestaan. De minister wil dat nu verhogen. Ook wil hij experimenteren met satellietwerk voor wie anders lange verplaatsingen zou moeten doen maar toch de drukte op kantoor nodig heeft om goed te functioneren.
  • In veel FOD’s wordt de prikklok nu al afgeschaft. Dat gebeurt door lokaal overleg op niveau van verschillende diensten. De vakbonden pleiten daar al heel lang voor.
  • Tijdelijk in de privé-sector gaan werken, of zich als zelfstandige vestigen, bestond al voor een periode van twee jaar. De minister wil dit uitbreiden tot vier jaar.
Deze maatregelen kunnen - zolang het gaat om vrije keuze van het personeelslid - wel degelijk bijdragen tot minder burn-outs bij ambtenaren. Het is uiteraard zo dat wanneer ambtenaren meer greep krijgen op de organisatie van hun job, het werk ook werkbaarder wordt. 

Maar stelt de minister het niet té rooskleurig voor? Zijn er geen addertjes onder het gras?
  • Meer telewerk betekent minder nood aan kantoorruimte in Brussel en de centrumsteden. We hebben berekeningen gezien over de bezettingsgraad van overheidsgebouwen: er worden minder werkposten voorzien dan er potentieel ambtenaren zijn. Dus wat primeert? Het welzijn van de ambtenaar, of het budgettair plaatje?
  • Ambtenaren een tijdje in de privé laten werken wil zeggen dat de betrokken ambtenaar niet betaald wordt, maar ook niet vervangen wordt. 
We missen hier toch een ruimere visie op werkbaar werk. De voorstellen van de minister vormen een mooie aanzet maar daar mag het zeker niet bij blijven. We kijken uit naar een uitnodiging om ze te bespreken tijdens een overlegmoment.