Dringend orde op zaken nodig bij Brusselse brandweer



De Brusselse Hoofdstedelijke Dienst voor Brandweer en Dringende Medische Hulp (BHDBDM) dobbert stuurloos rond sinds 1 januari. We overlopen de oorzaken.

Leiding

Directeur-generaal Mercken moest omwille van vermeende wanpraktijken opstappen van staatssecretaris Jodogne, terecht. Bovendien wordt de functie van adjunct-directeur-generaal al jaren niet ingevuld, en is het onmogelijk om beslissingen te nemen in de directieraad of overleg te organiseren met de vakbonden.

Die situatie blokkeert de dagelijkse werking van de dringende hulpverleningsdienst. Alle beleidsbeslissingen zoals aanwervingen, bevorderingen, materiaalaankoop, overleg- en veiligheidscomité vallen immers stil.

Type instelling

Bij de oprichting van de brandweerdienst als instelling van openbaar nut (ION) in 1989 werd om onbegrijpelijke redenen beslist om met een tweeledige directie te werken. 

De officier-dienstchef is verantwoordelijk voor de technische en operationele organisatie van de brandweer en aan administratieve zijde zwaaien de directeur-generaal en de adjunct-directeur-generaal de plak.

Eéntaligen

Door het type van instelling (ION) wordt er met ééntalige hulpverleners uit beide taalgemeenschappen gewerkt, waarvan verwacht wordt dat ze samen kunnen werken op het terrein.

Drie personeelsstatuten

Er zijn drie verschillende personeelsstatuten voor de contractuele administratieve personeelsleden, voor de statutaire administratieve personeelsleden én voor de operationele brandweermannen of -vrouwen-ambulanciers. Het is een hele opdracht om daarvan een coherent geheel te maken.

Hoog tijd om orde op zaken te stellen

Het kabinet van bevoegd staatssecretaris Jodogne denkt de oplossing gevonden te hebben door een nieuwe werkingsstructuur op poten te zetten. Eén waarin de operationele directie het voor het zeggen krijgt. Maar dat is dan buiten de administratieve coördinator gerekend. Die functioneert weliswaar onder de officier-dienstchef en de daaronder bevelvoerende officier, maar beschikt toch over ruime blokkeringsbevoegdheden en kan het de operationele gezagvoerders dus aardig lastig maken.
Het was wellicht te eenvoudig en vooral politiek not done om van het Brussels hoofdstedelijk brandweerkorps een hulpverleningszone te maken zoals in de rest van het land.