Federaal geschiktheidsattest

De proeven bestaan uit een competentietest, een operationele handvaardigheidstest en een fysieke proef. 

In een omzendbrief van 26 maart, licht de minister al een tipje van de sluier als het gaat over de inhoud van de proeven:

1- De competentieproef
Bij deze proef test men de competenties van het niveau. Het gaat om een vragenbatterij van 60 meerkeuzevragen die volgende domeinen toetsen:
  • Logica, rekenen en vraagstukken (25 vragen)
  • Taal, algemene kennis en ruimtelijk inzicht (25 vragen)
  • Wetenschappen (basischemie en basisfysica) (10 vragen)
Je bent geslaagd wanneer je in totaal 50% haalt voor deze proef

2- De operationele handvaardigheidstest
Bij deze proef krijg je een opdracht. Op een instructieblad vind je de omschrijving van de proef, de beschikbare middelen, de eventuele voorbereidingstijd en de beschikbare uitvoeringstijd. Een begeleider zal hier beoordelen.

3- De fysieke proef
Deze proef bestaat uit een fysieke testbatterij van negen onderdelen, een laddertest op een autoladder van 30 meter, een uithoudingsproef waarbij in 12 minuten een zo groot mogelijke afstand moet worden afgelegd (minima werden bepaald per leeftijdscluster) en tot slot moet je houder zijn van een zwembrevet van minstens 100 meter. 

Let op, om aan deze proeven deel te kunnen nemen, moet je beschikken over een medisch attest. Dit mag maximaal drie maanden oud zijn op het moment van je fysieke proeven.