Problemen met registraties en visa zorgkundigen

Wie denkt meteen na het succesvol beëindigen van een opleiding zorgkundige aan de slag te kunnen in een instelling of thuiszorgdienst, heeft het grondig mis. Om als zorgkundige te starten, moet je eerst verschillende formaliteiten vervullen. Een registratienummer, een visum een in een aantal gevallen ook een RIZIV-nummer zijn noodzakelijk. 

Sinds begin vorig jaar kan die registratieaanvraag ook elektronisch worden ingediend. Volgens de site van de Federale Overheidsdienst Volksgezondheid “een eenvoudige, snelle en spaarzame manier om uw dossier bij voorrang te behandelen”. 

Mooie woorden die jammer genoeg weinig gemeen hebben met de praktijk. De hele procedure duurt vaak weken tot zelfs maanden en veel zorgkundigen staan daardoor in de kou. Want zonder visum geen werk. ACV-Openbare Diensten vindt dan ook dat de behandelingstermijn drastisch naar beneden moet.

Wettelijk kader
De functie van zorgkundige werd ingevoerd met het koninklijk besluit van 12 januari 2006. Zorgkundigen worden opgeleid om naast verzorgende taken ook achttien specifieke verpleegkundige handelingen - onder toezicht van een verpleegkunde - uit te voeren.

Verzorgend personeel dat niet voldeed aan de opleidingsvoorwaarden maar tewerkgesteld was in woonzorgcentra of ziekenhuizen kon onder strikte voorwaarden toch een voorlopige registratie bekomen. Na het volgen van een bijkomende opleiding van 120 uur zouden zij dan definitief worden geregistreerd. 

Velen hebben de opleiding gevolgd, hun dossier in orde gebracht maar blijven op de definitieve registratie wachten. En dat heeft gevolgen. Ze lopen dikwijls een baremaverhoging mis en in het slechtste geval worden zij afgedankt omdat de woonzorgcentra en ziekenhuizen enkel nog financiering (zullen) ontvangen voor geregistreerde zorgkundigen met een visum. Ook binnen de diensten van de thuisverpleging en de erkende diensten voor gezinszorg worden bijna alleen nog zorgkundigen met visum aangeworven. 

Maakt staatshervorming chaos compleet?
Sinds 1 juli 2014 werd de bevoegdheid over de erkenning overgedragen aan de gemeenschappen. Voor Vlaanderen is de erkenning van het zorgberoep dus een bevoegdheid van de Vlaams Minister van Welzijn en het agentschap Zorg en Gezondheid Vlaanderen. De vastlegging van de erkenningsnormen en het verlenen van de visa blijven federale bevoegdheid, al kan - om het nog wat complexer te maken - Vlaanderen de procedures van erkenning aanpassen. Dus: waar registratie en het verlenen van visa vroeger tegelijkertijd en op één niveau gebeurden, zijn er nu twee beslissingen op twee niveaus nodig.

Om de continuïteit te verzekeren, stelden de federale overheid en de gemeenschappen overgangsprotocollen op met werkafspraken. Dit betekent concreet dat de FOD Volksgezondheid de aanvragen behandeld maar dat Vlaanderen er toezicht over heeft. Ten laatste op 1 januari 2016 moeten alle activiteiten voor erkenning door Vlaams personeel worden uitgevoerd en ook fysiek in de gebouwen van de Vlaamse gemeenschap worden verwerkt. Het is nu wel al de Vlaams minister van Welzijn, Gezondheid en Gezin die bij ministerieel besluit de registratie verleent.

Eenmaal de erkenning is geregistreerd, zou automatisch een visum worden uitgereikt en zou de aanvrager, vooral van belang voor de zorgkundigen in de gezinszorg, ook meteen een RIZIV-nummer krijgen. Een ideale wereld dus die de politici ons willen voorschotelen. Al stellen we vast dat zelfs na goedkeuring van de erkenning er nog vertragingen zijn voor visa. 

Kunnen jobstudenten nog aan de slag als zorgkundige?
Studenten die geslaagd zijn in hun eerste jaar verpleegkunde kunnen werken als zorgkundige. Veel studenten maken daarvan gebruik tijdens de zomervakantie. Zo doen ze ervaring op en leren ze de sector kennen. Ook voor de instellingen is het mooi meegenomen om tijdens de vakantieperiode te kunnen rekenen op voldoende zorgkundigen. Maar studenten moeten dezelfde procedure volgen en hebben dus een visum nodig om te starten. Probleem want met de huidige procedure zal de vakantie bijna voorbij zijn wanneer zij hun visum ontvangen.

Hoe een hete aardappel doorschuiven?
We zien vaak hoe tijdens overgangsperiodes de hete aardappel wordt doorgeschoven. Als er iets mis loopt en we vragen de federale minister maatregelen te nemen, dan verwijst ze ons door naar de nieuwe bevoegde minister. Op zijn beurt zegt deze minister dat het nog de administratie is van de federale overheid die instaat voor de verdere opvolging van de ‘lopende’ dossiers. De cirkel lijkt rond. 

Maar ondertussen blijft de impasse, gaat er niets vooruit en valt alles stil. Niemand is nog verantwoordelijk. We weten dat in dit dossier het personeel van de betrokken administraties doen wat ze kunnen, alleen zijn ze met steeds minder. Ook de erkenningscommissie treft geen schuld want zij leveren heel behoorlijk werk maar krijgen de dossiers gewoon niet tijdig in hun bezit. 

Waarover gaat het dan wel? Om politici die hun verantwoordelijkheid niet nemen en er - om welke duistere reden ook - niet voor zorgen dat alles verloopt zoals het hoort. Wie de politieke eindverantwoordelijkheid hiervoor moet dragen, laten we in het midden. Maar wij nemen het wel op voor de zorgkundigen en stellen alles in het werk om kortere verwerkingstermijnen van de aanvragen af te dwingen. 

Met zorgkundigen moeten we zorgvuldig omspringen. Ze verdienen alle mogelijke ondersteuning en die willen wij als ACV-Openbare Diensten in ieder geval bieden.

Ondervind je ook problemen met je registratie of visum, laat het ons weten via het meldpunt op onze website. Zo hebben wij een duidelijk overzicht en kunnen wij jou beter op de hoogte brengen van de stand van zaken.