Gevolgenvoorjou

De regeringsbeslissingen hebben op heel wat vlakken een weerslag voor de werknemer. Maar over heel wat zaken is er nog geen duidelijkheid. De maatregelen moeten nog omgezet worden in wetgeving. Tot het zover is, zal ACV er alles aan doe om te wegen op de maatregelen. Het is duidelijk dat het evenwicht in de voornemens van de regering verdwenen is en hersteld moet worden. 

Op onderstaande pagina behandelen we een groot aantal onderwerpen die voor jou van belang kunnen zijn. Naarmate we meer informatie en antwoorden krijgen, werken we deze onderwerpen bij. Zo heb je steeds zicht op de meest actuele informatie. 

In deze rubriek gaan we echter niet in op alle regeringsmaatregelen rond werkloosheid. We beperken ons tot wat voor overheidspersoneel van belang is. 
Wie meer wil weten over deze andere materies kan terecht op www.watkrijgjeopjebord.be.

Contractuelen - Worden contractuelen bij de federale overheid ontslagen?

De federale overheidsdiensten moeten in 2015 en de jaren daarna stevig besparen. Ze moeten:
  • hun personeelsuitgaven in 2015 verminderen met 4%, en de jaren nadien komt daar telkens 2% bij. Tegen het einde van de regeerperiode komt dat dus neer op een vermindering met 10%.
  • hun werkingsuitgaven in 2015 verminderen met 20%; de komende jaren komt daar telkens 2% bovenop, zodat in 2019 er een besparing is van 28% (aparte maatregelen voor kabinetten, ontwikkelingssamenwerking, defensie, beheer overheidsschuld en NMBS)
  • hun investeringsuitgaven in 2015 verminderen met 23%, in 2016, 2017 en 2018 komt daar telkens 3% bovenop. En in 2019 nog eens 2%. Alles samen is dat 33%.
Meerdere federale overheidsdiensten hebben al aangekondigd dat ze tijdelijk aangestelde contractuelen (vervangingscontracten, …) niet meer zullen verlengen. Ze doen dat om de opgelegde besparing in personeel te bereiken. Alle tijdelijke jobs niet verlengen, is voor veel besturen de gemakkelijkste manier om te besparen.

Het opgelegde cijfer van 4% is een globale doelstelling. In continudiensten zal men een zekere vervanging moeten toelaten, zo niet valt de dienst gewoon stil. Maar in andere diensten zal er dan meer bespaard moeten worden. Op dit ogenblik is het nog niet duidelijk welke de gevolgen zullen zijn voor welke concrete dienst. Als vakbond trachten we dit zo goed mogelijk op te volgen.

ACV-Openbare Diensten heeft zich in het verleden met succes verzet tegen ontslagen van contractueel overheidspersoneel bij de federale overheid. We zijn van plan om dit opnieuw te doen. Van de nieuwe minister van Ambtenarenzaken vragen we in ieder geval het engagement dat er geen naakte ontslagen komen. 

Wie geconfronteerd wordt met een ontslag als contractuele neemt best meteen contact op met ons secretariaat.

Heb je zelf nog een concrete vraag over dit onderwerp? Stel ze hier.
We doen ons best om zo snel mogelijk te antwoorden.  

Gewaarborgd loon tijdens ziekte - hoe zit het daarmee?

Het federaal regeerakkoord bevat een aantal schikkingen over de gelijkschakeling van het statuut tussen arbeiders en bedienden. Als onderdeel daarvan voorziet het federaal regeerakkoord dat het gewaarborgd loon tijdens ziekte zowel voor arbeiders als voor bedienden op twee maanden zou worden gebracht. 

Mocht men die maatregel invoeren, dan zal dit uiteraard ook van toepassing zijn op contractueel overheidspersoneel.

Ondertussen is hiertegen vanuit werkgeverskant protest gerezen. 

De federale regering heeft meteen bekend gemaakt dat de maatregel volgend jaar niet zal worden toepast. Maar het ACV heeft vernomen dat dit uitstel wellicht afstel is. 
Het ACV heeft alvast gereageerd tegen de manier waarop de regering blijkbaar buigt voor werkgeversprotest, maar geen rekening houdt met de bekommernissen van werknemers.

Heb je zelf nog een concrete vraag over dit onderwerp? Stel ze hier.
We doen ons best om zo snel mogelijk te antwoorden. 

Indexsprong - wat zijn de gevolgen?

De index zorgt ervoor dat de lonen en sociale uitkeringen de evolutie van de prijzen volgen. Telkens wanneer de prijzen globaal met 2% zijn gestegen, worden ook de lonen en sociale uitkeringen automatisch aangepast. 
De federale regering voorziet dat de eerstkomende indexaanpassing niet zal worden toegepast. 
Deze maatregel is van toepassing op alle werknemers en dus ook op al het overheidspersoneel. Hij geldt ook voor gepensioneerden en iedereen die sociale uitkeringen krijgt.
De volgende indexverhoging voor de openbare sector is voorzien in het voorjaar van 2015.
Voor werknemers betekent een indexsprong een stevig verlies. 2% van je jaarloon, dat is snel 600 à  900 €. Het verlies van de toepassing van de index sleep je mee je verdere loopbaan. Iemand die bijvoorbeeld 35 jaar is en nog 30 jaar moet werken, verliest bij wijze van voorbeeld eigenlijk 600 € x 30 jaar = 18.000 €. Dat is een flinke som.
Het ACV heeft een handige tool waarmee je jouw verlies gemakkelijk kan berekenen.
Heb je zelf nog een concrete vraag over dit onderwerp? Stel ze hier.
We doen ons best om zo snel mogelijk te antwoorden. 

Kinderbijslag wordt niet geïndexeerd

Voortaan zijn de deelstaten bevoegd voor de gezinsbijslagen.
De Vlaamse regering voorziet in haar regeerakkoord dat in afwachting van een meer grondige hervorming, de kinderbijslag in Vlaanderen niet langer wordt geïndexeerd. 
Deze beslissing staat op zich volledig los van de algemene indexsprong die de federale regering van plan is door te voeren.
Heb je zelf nog een concrete vraag over dit onderwerp? Stel ze hier.
We doen ons best om zo snel mogelijk te antwoorden. 

Langdurig zieken moeten sneller het werk hervatten

Het federaal regeerakkoord voorziet in een ‘hervorming’ van de situatie voor wie langdurig ziek is. De regering wil dat langdurig zieken sneller het werk hervatten. Daartoe voorziet men meerdere schikkingen:
  • wie drie maanden van een ziekte-uitkering geniet, krijgt een reïntegratieplan opgelegd.
  • men voorziet dat progressieve werkhervatting zou kunnen met minder dan 50% arbeidsongeschiktheid.
  • er zou ook een regeling komen van gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid.
  • de cumulregeling van de integratietegemoetkoming voor gehandicapten met beroepsinkomsten zou worden herbekeken.
Op dit ogenblik is het nog niet duidelijk op welke wijze de regering de zaken zal aanpakken.
Als de regering deze maatregelen op interprofessioneel vlak uitwerkt, dan zullen die automatisch van toepassing zijn op het contractueel overheidspersoneel. We houden er rekening mee dat de overheid in dat geval ook de regels voor het statutair overheidspersoneel zal wijzigen. De regering zal vermoedelijk op dit vlak geen onderscheid maken tussen statutair en contractueel overheidspersoneel.
Heb je zelf nog een concrete vraag over dit onderwerp? Stel ze hier.
We doen ons best om zo snel mogelijk te antwoorden. 

Loonbarema's - men wil overstappen naar een competitieloon

Het federaal regeerakkoord voorziet dat men wil afstappen van de huidige opbouw van de barema’s op basis van de anciënniteit. Het is niet omdat men een jaartje ouder wordt dat men een loonsverhoging moet krijgen, zo is de redenering. Er zou een verloning op basis van competenties in de plaats komen. 
Deze maatregel is niet enkel van toepassing voor federaal overheidspersoneel. De regering wil dit principe toegepast zien op alle werknemers. Hoe men hiertoe zal komen is op dit ogenblik nog koffiedik kijken. De nieuwe federale minister van Ambtenarenzaken heeft ons in ieder geval nog geen verduidelijkingen bezorgd over z’n plannen.
Heb je zelf nog een concrete vraag over dit onderwerp? Stel ze hier.
We doen ons best om zo snel mogelijk te antwoorden. 

Loopbaanonderbreking - mogelijkheden worden beperkt

Wie valt onder welke regeling?

De regels inzake loopbaanonderbreking zullen in de toekomst sterk verschillen naargelang de sector. Dit komt omdat de staatshervorming de bevoegdheden over dit domein grondig heeft veranderd.
De federale regering is enkel nog bevoegd voor het federaal overheidspersoneel.
De deelstaten worden volledig bevoegd voor hun personeel en de werknemers van lokale en regionale besturen.
Werknemers van sommige bedrijven zoals De Lijn en MIVB vallen onder de regeling van het tijdkrediet, die ook van toepassing is voor alle werknemers in de privé sector. Hun situatie wordt geregeld door federale wetgeving en specifieke cao’s.

Algemene regel federale overheid

De federale regering voorziet dat de regels inzake loopbaanonderbreking vanaf 1.1.2015 maximaal worden ‘geharmoniseerd’ met de regeling van tijdkrediet in de privé sector. Vanaf 2020 moet de regeling volledig worden ‘geharmoniseerd’.
Dit komt erop neer dat de mogelijkheden op voltijdse en deeltijdse loopbaanonderbreking stevig worden beperkt. Op dit ogenblik zijn er nog geen concrete maatregelen uitgevaardigd en de minister van Ambtenarenzaken heeft ons nog niet geïnformeerd over zijn plannen.
Ter vergelijking: Het systeem van het tijdskrediet is anders opgebouwd dan de loopbaanonderbreking in de openbare sector. Men voorziet 1 jaar basiskrediet (zonder motieven), 3 jaar voor zorg of opleiding en 1 jaar voor de zorg van een kind met beperkingen. In de plaats daarvan zou men komen tot:
  • 3 jaar voor zorg voor een kind tot 8 jaar of voor een kind met een beperking of een zwaar ziek kind of palliatieve zorgen of zorg voor een zwaar ziek gezinslid of opleiding
  • een bijkomend jaar voor de zorgmotieven
  • een bijkomend jaar voor een kind met een beperking of een zwaar ziek kind. 
Voor tijdskrediet blijven de bestaande regels evenwel behouden voor de aanvragen die binnen zijn bij de RVA op 31 december 2014. Verlengingsaanvragen van bestaande aanvragen zouden wel nog kunnen na die datum. Overstap van 1/5e naar een 1/2e wordt ook beschouwd als een verleningsaanvraag.

Landingsbanen zo goed als afgeschaft

Daarnaast voorziet de federale regering dat de zogenaamde landingsbanen (deeltijdse loopbaanonderbreking en tijdskrediet) vanaf 1 januari 2015 maar zouden kunnen worden genomen vanaf 60 jaar (in de plaats van zoals nu 55 jaar en 50 jaar voor zware beroepen zoals in de zorgsector). 
Om van de overgangsmaatregel te genieten moeten aanvragen binnen zijn bij de RVA op 31 december 2014. verlengingsaanvragen beneden de 60 jaar zijn wel nog mogelijk na 2014.

Specifiek in Vlaanderen 

De Vlaamse regering voorziet in haar regeerakkoord dat zij de bestaande verlofregelingen wil ‘rationaliseren’. Voor haar eigen overheidspersoneel voorziet het Vlaams personeelsstatuut nu al dat loopbaanonderbreking geen recht is, maar een gunst. 
Heb je zelf nog een concrete vraag over dit onderwerp? Stel ze hier.
We doen ons best om zo snel mogelijk te antwoorden. 

Loopbaanrekening - wat is dat?

Het federaal regeerakkoord voorziet in de invoering van een loopbaanrekening. Dit zou het mogelijk maken om tijd en loon te sparen en nadien te gebruiken voor de onderbreking van de loopbaan of als aanvulling voor het wettelijk pensioen.
Het komt er dus eigenlijk op neer dat men tijdens z’n loopbaan zelf moet instaan voor de opbouw van andere rechten die men later kan gebruiken.
De federale regering voorziet de invoering van dit principe voor alle werknemers. Dus alle personeelsleden in de openbare sector zullen er mee worden geconfronteerd.
Heb je zelf nog een concrete vraag over dit onderwerp? Stel ze hier.
We doen ons best om zo snel mogelijk te antwoorden. 

Loopbanen federaal overheidspersoneel

Het federaal regeerakkoord stelt dat er een nieuwe herziening van de loopbanen moet komen, dit keer in functie van een ‘prestatiegerichte verloning, een niet-leeftijdsgebonden loonbaanontwikkeling en een resultaatgericht evaluatiebeleid’. 
De federale regering wil ook komen tot een modernisering van de ontslagmotivering en het tuchtrecht.
De juiste concrete plannen die de nieuwe regering in petto heeft zijn nog niet bekend.
Heb je zelf nog een concrete vraag over dit onderwerp? Stel ze hier.
We doen ons best om zo snel mogelijk te antwoorden. 

Pensioenen - Aanvullende pensioenen voor contractueel overheidspersoneel

De federale regering kondigt aan dat er een kaderwet moet worden uitgewerkt om een aanvullend pensioen voor contractueel overheidspersoneel mogelijk te maken.
ACV-Openbare Diensten heeft de afgelopen jaren meermaals getracht om tot zo’n regeling te komen.
De federale regering wijzigt daarnaast nog een aantal andere zaken rond de aanvullende pensioenen:
  • vervroegd stoppen met een aanvullend pensioen zou worden ontmoedigd.
  • betaling in rente en kapitaal zou fiscaal gelijk worden behandeld.
  • aanpassing van de rendementsgarantie in functie van de reële rendementen op de markt.
  • een deel van de loonstijgingen zou men kunnen gebruiken voor de opbouw van een aanvullend pensioen.
  • werknemers zouden met een persoonlijke bijdrage een aanvullend pensioen kunnen opbouwen en daarvoor gelijke fiscale vrijstellingen krijgen als voor werkgeversbijdragen.
  • herziening van de regel volgens welke wettelijk en aanvullend pensioen niet meer mogen zijn dan 80% van het jaarloon

Heb je zelf nog een concrete vraag over dit onderwerp? Stel ze hier.
We doen ons best om zo snel mogelijk te antwoorden. 

Pensioenen – Cumulatieregels

Een recent wetsontwerp verruimt de toegelaten beroepsinkomsten in combinatie met een pensioen vanaf 1 januari 2015. Positief is dat pensioenen niet langer geschorst zullen worden bij overschrijding van de grensbedragen voor toegelaten arbeid. Bij beroepsinkomsten boven de grens worden pensioenen voortaan verminderd met het percentage van de overschrijding. Minder te spreken zijn we over de verruiming van de ‘supercumulatie’. Die laat een onbeperkte cumulatie toe tussen pensioen en beroepsinkomsten vanaf een loopbaan van 45 jaar of vanaf de leeftijd van 65 jaar. De maatregel zal zorgen voor nog meer ongelijkheid, ondergraaft de solidariteit binnen het pensioensysteem en jaagt het onnodig op kosten. De modale ambtenaar kan daarenboven slechts beperkt gebruik maken van de maatregel omdat een overheidspensioen het ontslag uit het ambt veronderstelt.
Heb je zelf nog een concrete vraag over dit onderwerp? Stel ze hier.
We doen ons best om zo snel mogelijk te antwoorden. 

Pensioenen – Diplomabonificatie zal niet meer meetellen

Ondanks ons protest blijft de regering bij haar voornemen om de studieperiode te laten verdwijnen uit de loopbaan voor het vervroegd pensioen. Wel komen er een aantal bijsturingen waardoor de afbouw voor sommigen iets trager zal verlopen en het aantal bijkomend te werken jaren beperkt wordt. Het wetsontwerp wordt binnenkort overgemaakt aan het parlement.

Diplomabonificatie
De diplomabonificatie in het overheidsstelsel telt zowel mee bij de berekening van het pensioenbedrag, als bij de toetsing van de loopbaanduur voor vervroegd pensioen. Dat laatste wordt nu in snel tempo afgebouwd.

Enkel een diploma hoger onderwijs dat vereist was voor de benoeming kan een bonificatie opleveren. Louter het bezit van een diploma is niet voldoende om een bonificatie te ontvangen. De diplomabonificatie wordt afgeleid van de minimale studieduur die noodzakelijk was om het vereiste diploma te behalen. Enkel werkelijke studiejaren komen dus in aanmerking met uitsluiting van bisjaren.

Bij de berekening van het pensioenbedrag – en dus niet bij het bepalen van de vroegste pensioendatum - is de diplomabonificatie afhankelijk van de loopbaan. Bij een loopbaan van minder dan 20 jaar wordt de bonificatie beperkt door ze te vermenigvuldigen met een breuk waarvan de teller gelijk is aan het aantal maanden dat bij de berekening in aanmerking komt en de noemer gelijk is aan 240. Wie bijvoorbeeld slechts tien jaar overheidsdiensten kan voorleggen, kan slechts een halve bonificatie krijgen. Deze beperking geldt niet bij een pensioen toegekend wegens lichamelijke ongeschiktheid. De bonificatie wordt eveneens verminderd bij deeltijdse prestaties tijdens de loopbaan. Wie bijvoorbeeld altijd halftijds heeft gewerkt zal slechts een bonificatie ontvangen voor de helft van de studieduur. 

Afbouw bonificatie voor vervroegd pensioen 
In zijn oorspronkelijk voorstel voorzag minister Bacquelaine een afbouw van de diplomabonificatie met 6 maanden per jaar vanaf 2016. Na ons protest wordt die afbouw nu enigszins getemperd voor diploma’s met een studieduur van 2 of 3 jaar. Die worden iets trager afgebouwd met respectievelijk 4 en 5 maanden per jaar, in plaats van 6 maanden per jaar.

Garanties
Tegenover de afbouw van de bonificatie voor het recht op vervroegd pensioen komen er nu ook een aantal garanties. 
1. De diplomabonificatie wordt afgebouwd tot wanneer men met vervroegd pensioen kan gaan. De op dat moment resterende bonificatie wordt vastgeklikt. Men wil immers vermijden dat men met pensioen zou gaan om een verdere afbouw van de bonificatie te vermijden.
2. Daarnaast wordt voorzien dat de vermindering van de diplomabonificatie niet van toepassing is voor personeelsleden die voor 1 januari 2015 in een voltijdse of deeltijdse disponibiliteit voorafgaand aan de oppensioenstelling, ingaand ten laatste op 2 september 2015, hadden aangevraagd of konden aangevraagd hebben. 
3. Voor wie geboren is voor 1962 wordt het aantal bijkomend te werken jaren, ingevolge de nieuwe wetgeving, beperkt. Wie geboren is voor 1958 dient maximum 1 jaar langer te werken; dat wordt 2 jaar voor wie geboren is in 1958 of 1959; en 3 jaar voor wie geboren is in 1960 of 1961.

Niet Akkoord
ACV-Openbare Diensten blijft de afschaffing van de diplomabonificatie afwijzen. We blijven het principe verdedigen. Tevens gaat een afschaffing volledig in tegen de afspraken die in 2012 werden gemaakt naar aanleiding van de vorige pensioenhervorming. Die overgangsmaatregelen lopen nog tot 2022. Daarenboven stellen we een gebrek aan samenhang vast in de aanpak. De regering kondigt immers ook strengere leeftijds- en loopbaanvoorwaarden aan voor vervroegd pensioen. Wijzigingen aan zowel de loopbaanvoorwaarden, als aan het meetellen van studieperiodes mogen voor ons niet samenvallen. Daardoor zou het overheidspersoneel immers een dubbele rekening krijgen voorgeschoteld. Verder is het niet logisch dat de regering een globale pensioenhervorming voorziet tegen 2030, maar nu wel reeds voorafnames probeert te doen. We zetten ons af tegen die salamipolitiek.

En de bonificatie bij de pensioenberekening?
In deze fase ligt de afbouw van de bonificatie op tafel voor de in aanmerking neming voor het vervroegd pensioen. In een latere fase (bij de uitwerking van het nieuw pensioensysteem met punten dat vanaf 2030 moet in werking treden) zal er ook worden onderzocht om de diplomabonificatie niet meer te laten meetellen voor de berekening van het pensioen. De bestaande regeling wordt dan eventueel vervangen door een regularisatie van de studieperiodes mits betaling van een persoonlijke bijdrage.

Hoe hebben we de onderhandelingen aangepakt?  
Inhoudelijk hebben we in onze positionering meerdere ‘verdedigingscirkels’ opgebouwd.

In een eerste fase hebben we aangevoerd dat de regering verworven rechten moet in acht nemen. Dit houdt in dat wie een voordeel door de diplomabonificatie heeft opgebouwd, dit moet kunnen behouden. Dit komt eigenlijk neer op een overgangsregeling tot pakweg 2055.

De federale regering is niet bereid hierop in te gaan. Ze heeft enkel de 2 bovenvermelde aanpassingen voorgesteld. Die komen uiteraard niet tegemoet aan onze vraag. 

Vervolgens hebben we gesteld dat de regering geen nieuwe maatregelen kan nemen zolang de overgangsperiode van de vorige hervorming van 2011 loopt. De vorige hervorming houdt nog wijzigingen in voor iedereen in 2016 en voor de personeelsleden met preferentiële pensioenbreuken tot 2020. Met dit argument hebben we gepoogd de in werking treding van de nieuwe wijzigingen uit te stellen. 

De regering wijst deze piste af, omdat zij in haar begroting al een budgettaire opbrengst in 2015, 2016 en volgende jaren heeft voorzien.

Om deze budgettaire problemen te counteren hebben we voorgesteld de wijziging van de cumulatieregeling voor plus 65 jarigen (volledige cumulatievrijheid) uit te stellen en de budgettaire kost van deze maatregel (30 miljoen euro) te gebruiken om de afschaffing van de diplomabonificatie uit te stellen.

Ook hierop wil de federale regering niet ingaan, dit keer om louter politieke redenen. De cumulatievrijheid voor plus 65 jarigen was voor Open VLD immers een ‘trofee’ bij de regeringsonderhandelingen. Zij wil die niet laten vallen voor het overheidspersoneel.

We hebben ook voorgesteld om het afbouwscenario om te keren.  

De regering voorzag voor iedereen vanaf 2016 in een aftrek met 6 maanden, het jaar nadien opnieuw met 6 maanden, het jaar nadien … enz. Wie dus een klein voordeel heeft door diplomabonificatie (niveau B) verliest eerst volledig het voordeel. Wie een groot voordeel heeft (geneesheren en apothekers bijv.), behoudt langst een deel van het voordeel. We hebben voorgesteld de afbouw om te keren: eerst -6 maand voor wie een bonificatie heeft van 7 jaar, dan weer 6 maand, … enz. In dat geval dragen de sterke schouders eerst de lasten. 

De regering is slechts beperkt tegemoet gekomen aan onze voorstellen door een aantal garanties te voorzien. Deze vinden we evenwel ruimschoots onvoldoende.
Heb je zelf nog een concrete vraag over dit onderwerp? Stel ze hier.
We doen ons best om zo snel mogelijk te antwoorden. 

Pensioenen – Gelijkgestelde periodes worden verminderd

Er komen nieuwe beperkingen van de gelijkgestelde periodes: de gelijkstelling voor niet-gemotiveerde loopbaanonderbreking zullen geen pensioenrechten meer opleveren. Onderbrekingen van de loopbaan met een bepaald motief zouden behouden blijven. 
Heb je zelf nog een concrete vraag over dit onderwerp? Stel ze hier.
We doen ons best om zo snel mogelijk te antwoorden. 

Pensioenen – Grondige hervorming

Het federaal regeerakkoord voorziet dat in de loop van de legislatuur een fundamentele hervorming van de pensioenen moet worden uitgewerkt. Die zou worden ingevoerd vanaf 2030. Ondertussen zouden de systemen wel meer naar elkaar toe groeien. Want de hervorming is van toepassing op alle pensioenstelsels (werknemers, zelfstandigen en overheidspersoneel).
Het nieuwe stelsel zal erop neer komen dat men uit gaat van een pensioen op basis van punten. Hoeveel punten men verwerft, hangt af van de hoogte van het arbeidsinkomen en de duur van de loopbaan. Men zou één punt krijgen als men evenveel verdiend heeft als het gemiddelde inkomen gedurende dat jaar. Dit brengt voor het overheidspersoneel mee dat de berekeningsbasis vertrekkend van de laatste 10 jaar (vroeger 5 jaar) verdwijnt en vervangen wordt door een berekening op basis van de gehele loopbaan.
Een nationale pensioencommissie moet de hervorming uitwerken.
Heb je zelf nog een concrete vraag over dit onderwerp? Stel ze hier.
We doen ons best om zo snel mogelijk te antwoorden. 

Pensioenen – Pensioenbonus wordt afgeschaft

Goed een jaar na de omvorming van het leeftijdscomplement tot de pensioenbonus heeft de regering een wetvoorstel klaar dat de pensioenbonus afschaft. De pensioenbonus zorgde voor een pensioenverhoging voor wie aan de slag bleef vanaf één jaar na de leeftijd waarop men met vervroegd pensioen kon gaan. Enkel wie op 1 december 2014 met vervroegd pensioen kon gaan, maar besliste om verder te werken kan nog een bonus opbouwen. De afschaffing van de bonus zal zorgen voor een verlaging van de pensioenen en kadert in het beleid van de regering om langer werken te verplichten.
Heb je zelf nog een concrete vraag over dit onderwerp? Stel ze hier.
We doen ons best om zo snel mogelijk te antwoorden. 

Pensioenen – Pensioenbreuk vermindert voor voordelige regelingen

Er wordt deze legislatuur een regeling uitgewerkt die de algemene berekening van de overheidspensioenen aan de hand van tantième 1/60e moet voorzien.  Er wordt een uitzondering voorzien voor zware beroepen. Pensioenrechten die reeds werden opgebouwd ingevolge voordelige tantièmes blijven behouden.
Zware beroepen zullen bepaald worden op basis van objectieve criteria. Deze zullen resulteren in een beperkt aantal beroepen die erkend worden als zwaar beroep. Voor zware beroepen gelden voordeliger modaliteiten voor de loopbaanvoorwaarden voor vervroegd pensioen en de pensioenberekening.
Heb je zelf nog een concrete vraag over dit onderwerp? Stel ze hier.
We doen ons best om zo snel mogelijk te antwoorden. 

Pensioenen – Specifieke problematiek politiepersoneel

Politiepersoneel dat voor 10 juli z’n pensioen had kunnen aanvragen zal dat alsnog kunnen doen. Wie geboren is vóór juli 1961 zal vanaf 58 jaar en ten vroegste vier jaar voor het vervroegd pensioen toegang krijgen tot een eindeloopbaanregime. 
Heb je zelf nog een concrete vraag over dit onderwerp? Stel ze hier.
We doen ons best om zo snel mogelijk te antwoorden. 

Pensioenen – Vervroegd pensioen opnemen

Principe

Meerdere maatregelen brengen mee dat personeelsleden pas later vervroegd men pensioen kunnen. De federale regering gaat uit van het principe dat vervroegd pensioen maar mogelijk mag zijn vanaf 62,5 jaar in 2017 en 63 jaar vanaf 2018. 
De leeftijds- en loopbaanvoorwaarden voor vervroegd pensioen zouden de komende jaren als volgt zijn:
 
* De RVP gaat uit van de verhoging van deze loopbaanvoorwaarden met 1 jaar tot 43 jaar en 42 jaar. (maar volgens ons staat die interpretatie niet met zoveel woorden in het regeerakkoord).
Voor de berekening van de benodigde anciënniteit zou de diplomabonificatie niet meer meetellen (link aparte rubriek). Er komen ook beperkingen inzake in aanmerking neming van gelijkgestelde periodes. (link aparte rubriek)

De regering voorziet de volgende overgangsmaatregelen:

  • Wie vóór eind 2016 aan de voorwaarden voldoet, behoudt deze.
  • De overgangsmaatregelen van de pensioenhervorming van 2011 blijven gelden.
  • Het aantal bijkomende jaren wordt beperkt tot één voor wie geboren is voor 1 januari 1958 en twee voor wie geboren is voor 1 januari 1959. 
Die overgangsmaatregelen moeten wel nog worden uitgewerkt. De technische details daarvan staan nog niet vast. Ze komen neer op het volgende:
  • Ik ben geboren voor 1956: Wie vóór eind 2016 aan de voorwaarden voldoet, behoudt deze. De overgangsmaatregelen van de pensioenhervorming van 2011 blijven gelden. (Overgangsmaatregelen 2011: wie een aanvraag van disponibiliteit voor oppensioenstelling had gedaan, die werd ingewilligd voor 5 maart 2012, behoudt de oude voorwaarden; wie geboren is voor 1 januari 1956 kan met vervroegd pensioen op 62 jaar mits een loopbaan van 37 jaar; behoud van recht voor wie reeds met vervroegd pensioen kon.)
  • Ik ben geboren in 1956: Wie vóór eind 2016 aan de voorwaarden voldoet, behoudt deze.
  • Ik ben geboren in 1957: Het aantal bijkomende jaren wordt beperkt tot één voor wie geboren is in 1957.
  • Ik ben geboren in 1958: Het aantal bijkomende jaren wordt beperkt tot twee voor wie geboren is in 1958.Ik ben geboren na 1958: Er zijn geen specifieke overgangsmaatregelen meer voorzien.

Nog snel een pensioen aanvragen of met pensioen gaan in 2014?

Snel met pensioen gaan in 2014 om zo de impact van de hervormingen te proberen te vermijden, heeft weinig zin. Langer werken kan slechts uitzonderlijk een daling van het pensioen tot gevolg hebben.
Een pensioenaanvraag is in principe definitief en kan niet meer eenzijdig ongedaan worden gemaakt. Snel een pensioen aanvragen in functie van de wijzigingen van het vervroegd pensioen heeft vermoedelijk weinig zin. De maatregelen die de regering uitwerkt treden in werking op een bepaalde datum
Heb je zelf nog een concrete vraag over dit onderwerp? Stel ze hier.
We doen ons best om zo snel mogelijk te antwoorden. 

Vervroegd pensioen in 2015 aangevraagd...

PDOS had de dossiers van mensen die hun vervroegd pensioen hadden aangevraagd met ingang van 2015 geblokkeerd omwille van de onzekerheid in verband met de pensioenwetgeving.
Op 24 november 2014 heeft PDOS ons meegedeeld dat de pensioenaanvragen die zouden ingaan in 2015 zullen worden gedeblokkeerd. 

Heb je zelf nog een concrete vraag over dit onderwerp? Stel ze hier.
We doen ons best om zo snel mogelijk te antwoorden. 

Pensioenen – Wettelijke pensioenleeftijd gaat naar 67 jaar

Het federaal regeerakkoord voorziet dat de wettelijke pensioenleeftijd wordt verhoogd: 
  • in 2025 naar 66 jaar;
  • in 2030 naar 67 jaar.
Heb je zelf nog een concrete vraag over dit onderwerp? Stel ze hier.
We doen ons best om zo snel mogelijk te antwoorden. 

Tewerkstelling van kansengroepen

Het federaal regeerakkoord voorziet inzake de tewerkstelling van gehandicapten dat het quotum van 3% ook kan worden behaald door uitbesteding aan beschutte werkplaatsen. De federale overheid zal op die manier zelf minder specifieke tewerkstellingsplaatsen ter beschikking stellen van gehandicapten.
Heb je zelf nog een concrete vraag over dit onderwerp? Stel ze hier.
We doen ons best om zo snel mogelijk te antwoorden. 

Vervroegde uitstapregelingen

In enkele sectoren bestaan vandaag vervroegde uitstapregelingen (brandweer, civiele bescherming, gevangenissen). Het federaal regeerakkoord voorziet dat de leeftijd vanaf wanneer die vervroegde uitstap mogelijk is, zou worden opgetrokken tot 60 jaar. Meer in het algemeen zouden die leeftijds- en loopbaanvoorwaarden worden gelijkgeschakeld met de regeling SWT in de privé sector.
Als andere (autonome) overheden daarvan afwijken moeten zij zelf de kost van de gelijkstellingen voor het pensioen betalen.
Voor werknemers in de privé sector (systeem SWT, zgn. brugpensioen van vroeger) geldt:
  • Algemeen principe: pas vanaf 62 jaar op 1.1.2015 (wel overgangsmaatregel voor wie voor 31.12.2014 in opzeg is geplaatst) mits 40 jaar beroepsverleden.
  • De uitzonderingsregimes voor zware beroepen gaan van 56 jaar jaar 58 jaar op 1.1.2015 en 60 jaar op 1.1.2017. 
  • Voor bedrijven in moeilijkheden of herstructurering gaat de leeftijd van 55 jaar naar 60 jaar op 1.1.2017.

Heb je zelf nog een concrete vraag over dit onderwerp? Stel ze hier.
We doen ons best om zo snel mogelijk te antwoorden.