Waarom staken we op 13 februari ook in de openbare sector?

De vakbonden roepen op om massaal te staken op 13 februari. De onderhandelingen over een interprofessioneel akkoord zijn afgesprongen. De lonen zouden de komende twee jaar samen maar maximaal 0,8 % stijgen. En dat is veel te weinig. Maar ook de verhoging van de minimumlonen, de problemen met eindeloopbaan, het welvaartsvast maken van uitkeringen en het verbeteren van het woon-werkverkeer liggen op de tafel.

Interprofessioneel akkoord ook belangrijk voor overheidspersoneel 

Het loonakkoord heeft ook een impact op de werknemers in de openbare sector. We gebruiken het akkoord namelijk om ook voor overheidspersoneel sociale vooruitgang te boeken. Als er geen interprofessioneel akkoord tot stand komt, zullen we het de komende twee jaar in alle sectoren veel moeilijker hebben om tot cao’s te komen. En dat is nochtans hoog tijd, want de afgelopen vier jaar hebben de ministers Vandeput en Homans verhinderd dat er voor de openbare sector een cao werd afgesloten. 

Loonnorm meest opvallende twistpunt

Sinds 1996 bestaat er een wet die de loonnorm bepaalt. De loonnorm is het maximale percentage waarmee de lonen in de privésector mogen stijgen. Voor de komende twee jaar zou dat maar 0,8% zijn omdat de regering de wet in 2016 veranderde. Als dat niet gebeurd was, zou de loonnorm nu dubbel zo hoog zijn.

Wettelijk gesproken is dat percentage enkel van toepassing op de werknemers in de privésector en de grote overheidsbedrijven (waaronder het stads- en streekvervoer). Maar het blijft   ook voor de openbare sector een belangrijke referentie. We eisen namelijk dat de lonen van het overheidspersoneel op een gelijke manier evolueren als die van de privésector.

De werkgeversorganisaties (VBO, Unizo en Boerenbond) hebben zich vastgepind op die 0,8%. Ze zijn niet bereid om voor 2019-2020 boven die 0,8% te gaan. Dat is nog minder dan de twee jaren voordien, terwijl men zegt dat het vandaag economisch beter gaat. Dat is ook belachelijk weinig terwijl de regering, naar aanleiding van de acties van de gele hesjes, begin dit jaar nog zei dat er echt iets moest gebeuren op het vlak van koopkracht.

Het ACV wil dat er een reële verbetering komt aan de koopkracht en dat de loonwet grondig wordt bijgestuurd.

Sociale uitkering of loonnorm is geen keuze

De regering voorzag bij de opmaak van haar begroting 700 miljoen euro om de sociale uitkeringen in geval van bijvoorbeeld ziekte, arbeidsongeval, invaliditeit, pensioen of werkloosheid te verbeteren. Maar de besprekingen met de werkgevers over de concrete invulling ervan lopen nog. Tot op vandaag is dat dossier dus nog steeds niet afgerond.

De werkgevers geven ons de keuze: aanvaard de lage loonnorm en dan gaan wij akkoord om de sociale uitkeringen te verbeteren. Maar dat is een valse keuze: het ene is geen pasmunt voor het andere. 

Eindeloopbaan: verbroken belofte 

Aan het begin van de regeerperiode was de boodschap van de regering: “De voorwaarden om met pensioen te gaan worden strenger, maar we corrigeren dat voor mensen met een zwaar beroep.”

Voor de openbare sector bereikten we over die zware beroepen in mei vorig jaar een akkoord met de minister van pensioenen. aar doordat N-VA de regering liet vallen, kon dat akkoord niet op tijd omgezet worden in wetgeving. Gevolg: de pensioenvoorwaarden werden strenger, maar de beloofde correcties zijn er niet. Belofte verbroken.

Ook in de privésector woedt een discussie over het SWT (het vroegere brugpensioen). De regering wil geen SWT meer voor de leeftijd van 60 jaar. De vakbonden wilden die maatregel nog bijsturen via een interprofessioneel akkoord, maar daar zijn ze nog niet toe gekomen. Dat heeft ook gevolgen voor de werknemers die werken in openbare diensten waar nog vervroegde uitstapregelingen bestaan zoals politie, gevangeniswezen of civiele bescherming. Die uitstapregelingen zullen wellicht mee onder druk komen staan.  

Minimumlonen moeten omhoog

Meer dan 60 000 werknemers moeten in ons land rondkomen met het minimumloon van minder dan 10 euro per uur. Wij willen dat minimumloon omhoog. Maar de werkgevers verzetten zich met hand en tand. Ondertussen vragen zij zelfs om de omschrijving van seizoensarbeid te verruimen. Op die manier hoeven ze immers de minimumlonen niet te respecteren. Daarnaast vragen de werkgevers nóg meer flexibiliteit van de werknemers. Kortom: onze standpunten staan lijnrecht tegenover elkaar. 

Arbeidsvoorwaarden overheidspersoneel onder druk

De afgelopen vier jaar maakten ministers Vandeput en Homans (N-VA) het ons onmogelijk om sociale akkoorden voor het overheidspersoneel af te sluiten. Op die manier dreigen de loonvoorwaarden opnieuw achterstand op te lopen.

Tegelijkertijd staan ook het statuut en de arbeidsvoorwaarden van het overheidspersoneel (statutairen en contractuelen) onder druk. Op Vlaams niveau zijn bijvoorbeeld de mogelijkheden om werk en privéleven te combineren afgebouwd. Het veel minder interessante zorgkrediet vervangt voor de lokale besturen en Vlaamse overheid de loopbaanonderbreking.

Er moet ook gewerkt worden met steeds minder personeel en werkingsmiddelen. Dat leidt onvermijdelijk tot een hogere werkdruk bij de resterende personeelsleden. En het maakt kwalitatieve dienstverlening moeilijker te garanderen. De vele negatieve maatregelen die de laatste jaren werden genomen hebben absoluut bijgedragen aan de jaarlijkse stijging van burn-outs. Waar blijven die maatregelen rond werkbaar werk?

Je werkt iedere dag keihard voor de welvaart in dit land. Dat verdient beter dan wat kruimels!

Praktisch: veelgestelde vragen over 13 februari

Hieronder vind je het antwoord op een aantal veelgestelde vragen over de staking op 13 februari.

Hoe zit het met mijn verloning voor die dag?

Werknemers die staken hebben geen recht op loon voor de dag dat ze staken (incluis deelname aan een manifestatie). Maar je sociale rechten blijven behouden. Bijvoorbeeld je stakingsdag wordt wel gelijkgesteld voor het berekenen van je latere pensioen. Als je lid bent van het ACV, heb je recht op een stakingsvergoeding. 

Wat is een stakerskaart?

Je krijgt bij een staking een stakerskaart die je na de staking bezorgt aan de medewerkers van ACV Openbare Diensten. Stakerskaarten worden door ACV-medewerkers of door de militanten van de onderneming uitgedeeld. 

Hoeveel bedraagt de stakersvergoeding?

Behoudens uitzonderingen bedraagt de stakersvergoeding voor een voltijdse werknemer 30 euro. Let op. Je moet minimaal 6 maanden lid zijn van het ACV.   

Als dat niet het geval is, bedraagt de stakersvergoeding 50% na 3 maanden lidmaatschap en 25% na 1 maand lidmaatschap.

Waar ik werk, is er geen vakbond. Ik wil toch staken. Kan dat?

De vakbonden hebben een stakingsaanzegging ingediend voor een nationale staking op 13 februari. Dat betekent dat je het recht hebt om die dag te staken. Je verwittigt in dat geval je werkgever. Je hebt geen recht op loon. Als lid van het ACV heb je wel recht op een stakingsvergoeding. 

Ik ben geen lid, maar wil toch staken. Kan dat?

Als niet-lid heb je ook recht om te staken maar je krijgt geen stakersvergoeding.  

Ik wil niet staken, maar werken.

Als vakbond vragen we dat je solidair mee staakt om zo druk te zetten op werkgevers en overheid om alle werknemers te laten meedelen in de groei en de bedrijfswinst. Per slot van rekening geniet jij ook mee van de resultaten die door de staking worden bereikt. Daarom vatten we als vakbond vaak post aan de ingang van een bedrijf bij een staking, of aan de ingang van een bedrijvenzone, om je zo te alsnog te overtuigen niet aan het werk te gaan.