Minister Bacquelaine, kom uw belofte na!


Minister van Pensioenen Bacquelaine (MR) moet dringend werk maken van twee maatregelen die hij eerder al beloofd had. De eerste maatregel gaat over het aanvullend pensioen voor federaal contractueel overheidspersoneel. De andere kwestie gaat over de gelijkstelling van het verlof verminderde prestaties in het onderwijs in Vlaanderen voor het overheidspensioen. ACV Openbare Sector roept de minister op beide kwesties zeer spoedig te regelen.

Contractuelen bij de federale overheid

Bijna een jaar geleden, op 30 maart 2018, werd de wet gestemd die een aanvullend pensioen voor het overheidspersoneel mogelijk maakt. Aan de basis van die wet ligt een akkoord van 30 juni 2017 over de invoering van een aanvullend pensioen voor alle contractuelen in de openbare sector. 

Voor contractuelen bij de federale overheid heeft de regering zich ertoe verbonden om vanaf 2017 jaarlijks een budget van 32 miljoen euro te voorzien om een aanvullend pensioenvoordeel op te bouwen met een werkgeversbijdrage van ten minste 3% van het loon.

Begin november 2018 zijn in comité A (dat is het globaal overlegorgaan voor de openbare sector) alle laatste praktische elementen uitgeklaard om de regeling van start te laten gaan. Het opzet was om nog voor het jaareinde een aanbesteding te lanceren, om de rechten van de personeelsleden te honoreren.

Maar we zijn ondertussen begin maart en de aanbesteding is nog steeds niet gelanceerd! Binnenkort ‘vieren’ we de verjaardag van die wet, zonder een echt aanvullend pensioenvoordeel voor het federaal overheidspersoneel. Het kan voor ons niet dat terwijl straks het parlement wordt ontbonden, de kwestie nog steeds niet geregeld is.

We roepen minister Bacquelaine op om zeer dringend werk te maken van de concrete opstart van het aanvullend pensioen voor het contractueel overheidspersoneel. De middelen die sinds 2017 zijn voorzien, mogen daarbij niet verloren gaan. Anders pleegt hij een flagrante woordbreuk tegenover de betrokken personeelsleden. De 21.000 contractuelen bij de federale overheid mogen niet langer in de kou blijven staan.

Openbare federale gezondheidssector

Ook in de federale gezondheidssector blijft men achter. Sinds 2006 worden er via sociale akkoorden middelen gereserveerd voor een aanvullend pensioen voor de ongeveer 20.000 contractuele personeelsleden van de openbare federale gezondheidssectoren. En eind 2017 sloten de vakbonden met minister De Block een nieuw gezondheidsakkoord af dat bijkomende middelen voor de tweede pensioenpijler voorziet. 

Ondertussen bedragen de doorheen de jaren opgebouwde reserves ongeveer 30 miljoen euro. En toch is de tweede pensioenpijler nog steeds niet operationeel. 

Dat komt omdat de wet op de aanvullende pensioenen (WAP) eerst gewijzigd moet worden. Na lang en herhaaldelijk aandringen van ACV Openbare Diensten wordt de wet nu aangepast. Niets staat daarna de oprichting van een pensioenstelsel voor de contractuele personeelsleden nog in de weg.

ACV Openbare Diensten dringt er bij de regering op aan niet langer te wachten met de effectieve oprichting. Na 13 jaar wordt het echt wel tijd dat de contractuele personeelsleden van de federale gezondheidsinstellingen, net zoals hun collega’s van de private gezondheidsinstellingen, kunnen genieten van een aanvullend pensioen. 

Verlof verminderde prestaties voor het Vlaams onderwijs gelijkstellen

Toen in 2016 het zorgkrediet in Vlaanderen werd ingevoerd, kwamen er ook een reeks aanpassingen aan de verlofregelingen in het onderwijs en bij de Vlaamse overheid.

Na veel aandringen zijn in december 2018 de besluiten uitgevaardigd die de gelijkstelling van het Vlaams zorgkrediet voor het pensioen regelen voor de Vlaamse overheid, het onderwijs en de centra voor leerlingenbegeleiding.

Maar de besluiten die de minister van Pensioenen moet uitvaardigen voor de gelijkstelling van het verlof voor verminderde prestaties in het Vlaams onderwijs – de bestaande regels moeten worden aangepast als gevolg van de invoering van het zorgkrediet – zijn er vandaag nog steeds niet.

ACV Openbare Sector dringt er bij de minister op aan dat die besluiten nog voor de ontbinding van het parlement worden uitgevaardigd. De met de onderwijsvakbonden opgenomen engagementen moeten immers worden gerespecteerd.