Aanvullend pensioen voor contractuelen overheid goedgekeurd



In het parlement werd op 29 maart het wetsontwerp over het gemengd pensioen goedgekeurd. Het ontwerp legt de basis die nodig is om voor alle contractuelen bij de overheid een aanvullend pensioen te voorzien. Het is nu aan alle overheden om daarvoor te zorgen. ACV heeft meer dan 10 jaar geijverd om dat te bereiken.

Wat verandert er voor statutairen? 
Tot nu toe werd de loopbaan gesplitst in een contractuele en statutaire periode. De jaren waarin je als contractueel werkte, telden tot nu toe volledig mee voor het overheidspensioen. Dat zal nu niet meer zo zijn. Als je vast benoemd bent na 1 december 2017, krijg je alleen een overheidspensioen voor de jaren waarin je als statutair werkte. Voor de andere jaren krijg je een werknemerspensioen. 

Daarbij komt wel dat het binnenkort niet meer nodig is om minstens vijf jaar bij de overheid te werken voordat je ook effectief recht hebt op een overheidspensioen. Voordien was dat wel zo.

Wat verandert er voor contractuelen? 
Het pensioen van contractuelen is lager dan het overheidspensioen. Daarom wordt dat werknemerspensioen aangevuld. De wet die vandaag werd goedgekeurd, zorgt voor een wettelijk kader om het aanvullend pensioen voor contractuelen in elke sector mogelijk te maken.

In de lokale besturen zijn daarvoor al stappen gezet maar er zijn grote verschillen tussen het ene bestuur en het andere. De federale overheid heeft zich ertoe verbonden een bijdrage te leveren van 3% op het loon van elke contractueel en trekt daarvoor jaarlijks 32 miljoen euro uit. De Vlaamse overheid heeft voor 2018 en 2019 samen 22 miljoen euro opzij gelegd. Voor de federaal gesubsidieerde zorgsector bestaat er ook een principieel engagement, maar dat is nog beperkt tot 0,6% van de loonmassa.