Gemeenten betalen zelf korting op hun pensioenfactuur


De financiering van de pensioenen van de benoemde personeelsleden van de gemeenten, OCMW’s, intercommunales en ziekenhuizen is al lang een probleem. Doordat er steeds meer gepensioneerde en minder actieve ambtenaren zijn, liggen de bijdragen die de besturen moeten betalen erg hoog. Voor 2012 diende elk bestuur één basisbijdrage te betalen op het loon van de actieve benoemde ambtenaren. Sinds 2012 betalen besturen van wie die basisbijdrage niet volstaat nog een extra bijdrage. Dat geldt voor ongeveer één derde van de besturen. 

Vooral grote besturen ontvangen een hoge factuur. De hoogste rekeningen in Vlaanderen zijn van het stadsbestuur van Antwerpen, het OCMW, de politiezone, het havenbedrijf, het stadsbestuur van Gent, Oostende, de PIDPA, het OCMW van Leuven, de Politiezone Gent en het stadsbestuur van Mechelen. De meeste kleine tot middelgrote besturen hebben geen overmatige pensioenfactuur en hoeven dus de extra bijdrage dus niet te betalen.  

Net daarin wil minister Bacquelaine nu ingrijpen. Gemeenten die een aanvullend pensioen voorzien voor de contractuele personeelsleden zullen de uitgaven voor de helft kunnen aftrekken van de extra bijdrage. Zij krijgen zo een korting op hun pensioenfactuur. Zo wordt het systeem dat men in 2012 heeft ingevoerd terug afgezwakt. De korting zal dus bovendien zo goed als uitsluitend gaan naar de grote besturen, aangezien enkel zij de extra bijdrages betalen. 
Maar er is meer. De korting zelf moet ook nog gefinancierd worden. In principe moet dat gebeuren door de extra bijdrage te verhogen. Dezelfde besturen die een korting krijgen zullen daardoor dus geconfronteerd worden met een hogere factuur. Ze draaien dus op voor hun eigen korting. Dat is een "oplossing" met een erg onzekere uitkomst. 

ACV-Openbare diensten heeft er van meet af op aangedrongen om te kiezen voor een kortingsmechanisme dat voor alle besturen openstaat. Niet enkel de grote besturen verdienen een steuntje in de rug.