BTW verhogen om vermogenden opnieuw te ontzien

ACV 2015-02-07 BTW verhogen om vermogenden opnieuw te ontzien
Na de doorzichtige gijzelingspoging van Zuhal Demir met haar voorstel over de beperking van werkloosheidsuitkeringen eerder deze week, ondersteund door de verklaringen van Hendrik Vuye gisteren, is het vandaag de beurt aan minister Van Overtveldt om vermogenden uit de wind te zetten. Zijn verklaring dat een tax shift eerst én vooral een BTW-verhoging moet zijn, tart ieder gevoel voor rechtvaardigheid. Het gaat niet op om de tax shift in te vullen met een hogere bijdrage van diegenen die nu al het meest bijdragen. Lage en doorsnee inkomens mogen niet getroffen worden door de tax shift. En dat is het geval met BTW-verhogingen. Zeker de laagste inkomens worden zeer sterk getroffen door een BTW-verhoging omdat hun inkomen nagenoeg volledig opgaat aan consumptie.

De voorstellen van minister Van Overtveldt schaden sterk de koopkracht van de lage en doorsnee inkomens. En dat op een moment dat de binnenlandse consumptie al stevig onder druk staat door de aangekondigde ondoelmatige indexsprong en andere  besparingen. Bovendien besliste deze regering al om BTW en accijnzen te verhogen met 889 miljoen euro!

De regering moet nu werk maken van een rechtvaardige en substantiële tax shift richting een grotere bijdrage van vermogenden. De wil om vermogenden te ontzien is echter blijkbaar sterker dan de zin voor fiscale en sociale rechtvaardigheid.

Voor de tax shift gaat het ACV uit van vier essentiële principes:
  • rechtvaardigheid:  leidt de lastenverschuiving tot een betere spreiding van de lastendruk naar draagkracht?
  • doelmatigheid: welke lastenverschuiving levert de beste resultaten in termen van werkgelegenheid en bestrijding van de werkloosheid?
  • stabiliteit: levert het voldoende stabiele , voorspelbare inkomsten op voor de sociale zekerheid, om te vermijden dat je genpensioneerden, zieken, invaliden, werklozen in permanente bestaansonzekerheid stort?
  • eenvoud: wat vandaag al bestaat aan alternatieve financiering is een totaal ontransparant kluwen. Hoe vermijden dat die complexiteit alleen maar verergert of – nog beter – het onderdeel maken van een globale vereenvoudigingsoperatie? De sociale partners hebben hierover al eerder een unaniem advies uitgebracht, maar dat heeft vanuit de regering nog geen enkele opvolging heeft gekregen.
Voor zo een verschuiving van de lasten richting vermogens liggen diverse scenario’s voor.  De regering moet niet langer aarzelen. Een goed gekozen mix van maatregelen kan  voor deze tax shift zorgen:
  • Nadat Planbureau en Nationale Bank van België al eerder de meerwaardebelasting hadden gesuggereerd voor de financiering van een tax shift, wordt het ook omhelsd vanuit de wetenschappelijke wereld en recentelijk ook vanuit de Hoge Raad voor Financiën, de Europese commissie en de OESO. Met ook concrete becijferingen. Prof. Jozef Pacolet van het HIVA acht een gemiddelde opbrengst van 2 miljard euro mogelijk. De Hoge Raad voor Financiën komt zelfs uit op 3,82 miljard euro (1% van het BBP), dan nog rekening houdend met vrijstellingen voor ca. 50%.
  • Er zijn de recente voorstellen van de Hoge Raad voor Financiën  voor een heroverweging van de fiscale uitgaven in de vennootschapsbelasting, met bijzonder hoge twijfels omtrent doelmatigheid van een aantal van deze, niet in het minst wat betreft de gunsttarieven voor KMO’s.
  • Er blijft de ontsporing van de notionele intrestaftrek, met onvoldoende rendement inzake investeringen en werkgelegenheid.
  • Er zijn alsmaar meer pleidooien voor een globalisering van alle inkomens voor de progressieve personenbelasting,  inclusief roerende inkomens ( waaronder meerwaarden),  ter vervanging van de aparte, lagere belasting of zelfs niet-belasting (zoals voor een belangrijk deel van de meerwaarden).
  • Stoppen van de  ontsporing van de vervennootschappelijking: personen  die belastingen en bijdragen ontwijken via vennootschappen, en  voor wie de kat nu opnieuw bij de melk wordt gezet door de verlaging met 15 procentpunt van de taks op liquidatieboni voor KMO’s. Het is een tax shift van bedrijven die stoppen te ondernemen, die kan worden gebruikt om bedrijven te ondersteunen die werkgelegenheid blijven creëren.
Er liggen dus voldoende pistes op tafel om op korte termijn een rechtvaardigere fiscaliteit  te realiseren. Ook een versterkte strijd tegen fiscale fraude, die ook kan bijdragen tot meer gelijkheid tussen burgers en tegelijk voor belangrijke bijkomende inkomsten voor de overheid kan zorgen, is belangrijk. Naast de taks shift moet de regering ook werk maken van een grote fiscale hervorming, met in ieder geval een vermogensficaliteit en een luik milieufiscaliteit. Die hervorming is sociaal en rechtvaardig, en absoluut nodig voor de sanering van de openbare financiën. 
 

Meer info?