Dossier pensioenen politie in comité A

Na de goedkeuring op de Ministerraad van 6 maart laatsleden werd de overgangsmaatregel aangaande het pensioen van sommige leden van de geïntegreerde politie (voorzien in het Regeerakkoord tengevolge het besluit van het Grondwettelijk Hof van 10 juli 2014) op 12 maart onderhandeld in het Comité A.

Het besluit van het Grondwettelijk Hof n° 103/2014 van 10 juli 2014 annuleert de maatregel die toeliet om een preferentieel regime te behouden om op pensioen te gaan voor de leden van het operationeel kader van de geïntegreerde politie. Er wordt evenwel voorzien in een overgangsmaatregel die de gevolgen van de geannuleerde bepaling handhaaft voor wat enerzijds betreft de pensioenen die reeds hun aanvang genomen hadden op de datum van uitspraak van het besluit, en anderzijds voor wat betreft de pensioenaanvragen die reeds werden goedgekeurd op het moment van uitspraak van het besluit, zelfs indien het desbetreffende pensioen pas op een latere datum zal ingaan.

Het Regeerakkoord voorziet dat "de voorwaarden die momenteel van toepassing zijn met betrekking tot het pensioen gehandhaafd blijven voor het politiepersoneel dat zich in een positie bevond om pensioen aan te kunnen vragen voor de datum van het besluit". De huidige maatregel implementeert deze passage uit het Regeerakkoord. Tevens staat zij in voor het behoud van de voordelen inherent aan de preferentiële regelingen ten gunste van de leden van de Geïntegreerde Politie voor zover dat deze op ten laatste vrijdag 10 juli 2015 voldoen aan de leeftijds- en loopbaanvoorwaarden die vastgelegd werden in de wet van 30 maart 2001.

ACV Politie stelt vast dat het belangrijk is dat wordt voorzien in een wettelijke bepaling die remedieert aan de gevolgen van het arrest van het Grondwettelijk Hof.

ACV Politie betreurt nochtans dat het dossier in afzonderlijke delen wordt aangepakt, hetgeen een globaal beeld van de aanpak verhindert.

ACV Politie kan enkel een akkoord verlenen met voorliggend ontwerp in de mate dat de overheid ook effectief voorziet in een regeling eindeloopbaan vanaf 58 jaar voor de voormalige officieren van de gemeentepolitie en van de gerechtelijke politie enerzijds en de inaanmerkingneming van de in het kader van de globale problematiek voorziene regeling van non-activiteit voor het recht op het pensioen anderzijds.

De onderhandelingen worden verder gevoerd in het comité voor de politiediensten (mogelijks maandag 16/3 om 19.00 uur).