Jonge werknemers betalen meermaals het gelag

Vandaag berichtte Le Soir dat de Zweedse regeringsonderhandelaars werknemers jonger dan 21, twee jaar lang onder het sectoraal minimumloon willen betalen. Het interprofessioneel minimumloon wordt voor alle jonge werknemers in alle sectoren de norm. Dit interprofessioneel minimumloon bedraagt 1.501 euro bruto/maand ofte 1.251 euro netto voor een alleenstaande. 1251 euro waarmee huur, energie, water en eten  moet worden betaald...   Erger, er is ook sprake om opnieuw lagere interprofessionele minimumlonen voor jongeren in te voeren.  Na de “Zweedse” indexsprong, die jonge werknemers het sterkst treft want die werkt hun ganse carrière door, betekent dit een nieuwe aderlating voor het inkomen van jongeren.  Dit plan treft vooral kortgeschoolden en middengeschoolden, die gedurende hun verdere loopbaan  wellicht zullen werken tegen lage(re) lonen. In deze groepen ligt de gemiddelde intredeleeftijd op respectievelijk 17,8 jaar en 19,0 jaar. 

De “Zweden” menen dat sectorale minimumlonen schadelijk zijn voor de werkgelegenheid van jongeren. Terwijl wetenschappelijk materiaal net het tegendeel aangeeft. Zelfs de Europese Commissie ziet een positief verband tussen de hoogte van het minimumloon en de werkzaamheidsgraad van laaggeschoolden (zie grafiek onderaan). Bovendien zijn er voor de aanwerving van jongeren, zeker voor kortgeschoolden, al aanzienlijke tussenkomsten in de loonkost. Wat toelaat werkende jongeren correct te betalen, zonder zware kost voor werkgevers. 

Dit soort ingrepen zal de concurrentie tussen piepjonge en jonge werknemers bevorderen. 21 zou dan wel eens een nieuw scharniermoment kunnen worden in een loopbaan. Het scharnier tussen onderbetaald werk en geen werk. Het is een leeftijdsgebonden vorm van sociale dumping. Welke jongere moet het minst betaald worden?
Deze leeftijdsgebonden sociale dumping staat haaks op de cao die de sociale partners binnen de Nationale Arbeidsraad (NAR) in maart 2012 afsloten en die nu fasegewijs uitrolt. Deze cao schaft  per 1 januari 2015 de lagere minimumlonen voor jongeren van 18 tot 20 jaar af. De “Zweden”  doorkruisen opnieuw het sociaal overleg tussen vakbonden en werkgevers. Het sociaal overleg dat ze al herhaaldelijk wezen op zijn verantwoordelijkheid. Maar in de praktijk behandelen als voetveeg. 

“ We zien de ene aanval na de andere op het inkomen van werkende mensen en hun gezinnen”, stelt ACV voorzitter Marc Leemans. “Een indexsprong, anciënniteitbarema’s en vandaag de herinvoering van lagere lonen voor jongeren. Op het einde van de rit heeft iedere werknemer serieus aan inkomen en koopkracht ingeboet. Terwijl voorstellen om  eindelijk andere inkomens, uit vermogen bijvoorbeeld, aan te spreken stelselmatig door de drie liberale partijen worden weggelachen. Het evenwicht is totaal zoek. Bovendien is het dom om bij  een groot risico op deflatie in te hakken op de koopkracht van consumenten. Consumenten waarvan de lonen trouwens al twee jaar bevroren zijn. En die de “Zweden” waarschijnlijk nog eens voor minstens twee jaar willen bevriezen.”

(BRON, MEMO - EMPLOYMENT AND SOCIAL DEVELOPMENTS IN EUROPE 2012 – FREQUENTLY ASKED QUESTIONS, EUROPEAN COMMISSION, JANUARI 2013)